Reisverslag 02          Pavlograd (Oekraïne) t/m Sochi (Rusland)


Vlad op mijn motor
Vlad Turayev die ik in Pavlograd bezocht wilde niets weten van een kort bezoek, ik moest in ieder geval enkele dagen blijven. Nu had ik net enkele dagen in Odessa doorgebracht maar veel problemen heb ik niet gehad aan mijn 3-daags verblijf daar. Ik had de mogelijkheid om mijn eerste reisverslag te schrijven al moest dit wel online gebeuren en in het middag van de nacht omdat dan de telefoonverbinding het betrouwbaarst was. Verder kwam Jan-en-alleman uit de omgeving naar zijn garage waar mijn motor stond om te kijken naar de BMW. Voor Vlad ook goed voor zijn naamsbekendheid aangezien hij enkele maanden geleden voor zichzelf begonnen was met het reviseren/ modificeren van motoren.

Met motorvrienden op de Krim

Ik kreeg van hem een enorme lijst mee van vrienden van hem die hij allemaal gebeld had (voor zover deze telefoon hadden) met de mededeling dat ik er aan kwam. Ik heb hem duidelijk gemaakt dat ik ze lang allemaal niet kon bezoeken maar dat ik er enkelen uit zou pikken. Vanuit Pavlograd ging het naar de Krim. Via het noordwesten van de Krim ging ik naar Saki. Het noordwesten is echt nog agrarisch met veel (restanten) van grote Kolchoz-boerderijen alsmede ook geen 95 octaan benzine. Hierdoor moest ik een stukje afsnijden.
In Saki heb ik overnacht bij Vlad (een andere) die op een vroegere legerbasis woonde. Sinds de afscheiding van Oekraïne van Rusland had de legerbasis zijn functie verloren en was alles vertrokken behalve de mensen die op de basis werkten. Veel werkloosheid daar dus al zijn de mensen zeer inventief om aan geld te komen. Reeds 3 dagen had men op de 'basis; geef stroom en water dus vooral 's nachts was het behelpen met pannetjes en zaklampen.
De volgende dag bood Vlad aan, toen hij hoorde dat ik naar Sevastopol wilde mee te reizen op zijn motor zodat ik dan ook bij zijn vriend Oleg langs kwam. Via een schitterende bergweg over het Krim-gebergte kregen we een schitterend uitzicht over de zuidkust van de Krim vanaf zo'n 1000 m hoogte. Na een duik in de zee bij een verlaten scheepswerf reden we door over de kustweg naar Sevastopol waar Oleg, die van niets wist, ons hartelijk onthaalde. Hij (Oleg) was net terug uit Duitsland waar hij 2e-hands motoren op de kop probeert te tikken om deze in te voeren in de Oekraïne. Dit loopt nog niet goed aangezien hij per motorfiets zo'n US$ 1000,- invoerbelasting moet betalen. Een goed werkende Dnjeper (waar iedereen hier op rijdt) kost als vergelijk maar US$ 400,-. De westerse motorfietsen zijn dus veel te duur. Voorlopig concentreert hij zich dus maar op het leveren van allerlei reservedelen en voornamelijk accessoires.
Sevastopol is nu een normaal toegankelijke stad waar geen enkele beperking meer geldt. In de middag gaf ik te kennen dat ik vertrekken wilde naar Manhup Kale, een stad van uitgehakte grotten boven in de bergen. Volgens Oleg kon je er met de motor boven komen en spontaan bood Vlad aan mee te gaan.

Off-road de berg op!
De route was door Oleg uitgebreid opgeschreven maar enkele malen twijfelden toch of we wel goed zaten aangezien het pad wel heel onhergbergzaam werd. Wel heel goed voor mijn off-road ervaring. Met de nodige zweetdruppels lukte het ons om boven te komen, ik omdat ik een zwaar beladen motor had en geen off-road ervaring (behalve de enkele onverharde wegen in de Oekraïne) en Vlad omdat zijn Dnjepr een chopper model was en dus weinig grondspeling had.
Genoten van het enorm fraaie uitzicht op de omgeving en de ondergaande zon en in 1 van de grotten hebben we overnacht. De volgende dag scheidden onze wegen. Ik ging naar Jalta terwijl Vlad terug naar huis ging.

Het 'zwaluwsnest' in Jalta
In Jalta wilde ik op de camping overnachten maar die was nog niet open zo vroeg in het seizoen. Dus maar bij iemand privé overnacht. De volgende dag Jalta bekeken waar niet echt veel te beleven was. Super touristisch (met Russen) en enorm duur. Per motor nog enkele bezienswaardigheden in de omgeving bezocht (o.a. het Zwaluwsnest) en de volgende dag via Sudak (Genuaans fort) naar Feodosia gereden waar Vlads (Pavlograd) beste vriend woonde Sergey. Hier bleek een lipje aan mijn rechter stuurhelft afgebroken te zijn.
De volgende dag dit gelijk laten lassen door een vriend van hem. Alles mooi afgeschermd en de nodige zekeringen verwijderd om schade aan de motorcomputer (voor de injectie e.d.) te voorkomen, zelfs de accu afgekoppeld. Tijdens het lassen werd er eerst en heel gat in mijn stuur gebrand en begon het enorm te stinken. Het kabeltje van de handvatverwarming liep nog door het stuur en het lassen deed geen goed aan de isolatie. Ook het gat werd weer dicht gelast en naderhand werd met de flex alles weer een beetje toonbaar gemaakt en kon het stuur weer in elkaar gezet worden. Mijn rechter stuurhelft staat nu wel iets verder naar buiten. Alle zekeringen er in en testen of de boel nog werkt. Starten en... niets. Helemaal niets. Werkplaatsboek er bij en de schema's er bij gehaald. De knoppen werkten goed maar niets starten. Zou dan toch de computer een klap hebben gehad? De tank verwijderd maar niets bijzonder te zien aan de bekabeling. Weer in de schema's gedoken. Koppelingsschakelaar? Het zal tochniet waar zijn. Motor in neutraal gezet en op de startknop gedrukt en... hij loopt! Normaal start ik al zittende op de motor en hou automatisch de koppeling ingetrokken. Een enorme opluchting. Snel de hele motor weer in elkaar gezet.
's Middags zijn we met de boot langs de kust gevaren met Vlad en zijn vrouw Elena om de kliffen van Orzhonykydze vanaf zee te bekijken. 's Avonds in Feodosia rondgelopen wat best wel een gezellige stad is met een aangename temperatuur, zelfs nog laat op de avond.
De volgende dag doorgereden naar Kerch waar ik de veerboot naar Rusland wilde nemen. Laat ik voor de grens maar mijn middagmaal nuttigen want in de hectiek aan de grens komt daar toch niets van. Bleek dat ik alleen maar een ticket voor de veerboot hoefde te kopen en toen... wachten, wachten. De boot was net vertrokken en kwam pas over 3 uur weer terug (16.15 uur). Om 15.30 gingen de poorten open en werden de Oekraïnse grensformaliteiten afgehandeld. Naar mijn verzekeringsbewijs (afgegeven voor 4 dagen i.p.v. 4 weken) werd niet gevraagd. De tocht met de veerboot duurde slechts 20 minuten en toen begon het gevecht om als eerste van de boot af te komen. Ik eindigde in de middenmoot maar werd al snel uit de rij gehaald. Ik moest wachten tot het allerlaatst aangezien mijn afhandeling ze het meeste werk bezorgde. Eerst werd in een groot boek mijn visumnummer opgezocht. Het feit dat het nummer er niet in stond scheen niet belangrijk te zijn want ik kon zonder problemen verder naar de volgende stap: de verzekering. Hier was men zo slim om dezelfde geldigheid aan te houden als mijn visum. 8 dagen voor Rb.48,- (nog geen NLG 5,-). Door de douane moest dit nog op een officieel papier gezet worden wat me ook nog Rb.50,- smeergeld kostte. Aangezien het reeds 19 uur geweest was heb ik hier maar geen probleem van gemaakt. De laatste stap was de inspectie van mijn bagage. Dit heikele punt verliep wel zeer voorspoedig. Daar iedereen reeds langs weg was zat men druk te kaarten en na een blik in mijn declaratieformulier van de Oekraïne kon ik doorrijden om snel een geschikt plekje te vinden om mijn tent op te slaan.
Mijn oorspronkelijke idee direct langs de kust naar Turkije te gaan werd iets gewijzigd. Aangezien ik een volledige week in Rusland had besloot ik om enkele dagen in de Kaukasus door te brengen, zorgvuldig uit de buurt van Tsjetsjenië blijvend.

De schitterende Kaukausus bij Dombaj
Ik reed door een zeer fraaie vallei bij Kislovodsk en het hoogtepunt waren de bergen bij Dombaj. Schitterende steile bergen compleet met gletsjers in een verder groen graslandschap met allerlei kleuren bloeiende bloemen er doorheen. Volgens de LP (reisgids Lonely Planet) kon je hier Georgië in maar volgens de kaart niet. Geprobeerd maar de zich stierlijk vervelende militairen hielden me tegen. Terug gereden naar de kust via een enorme omweg aangezien de wegen door de Kaukasus dun gezaaid zijn, en bij Sochi aan de grens werd mij de toegang wederom geweigerd. Alleen Russen en Abchazen (het woord Georgiërs werd niet genoemd) konden hier oversteken. Alle buitenlanders werden geweerd wegens de spanning tussen Georgië en het opstandige Abchazië. Ik kon per boot vanuit Sochi naar Batumi of via Vladikavkaz naar Tblisi, zo om Abchazië heen rijdend. Hierbij ging het dan wel relatief dicht langs de grens met Tsjetsjenië, maar aangezien de Russen alleen problemen hebben in het bergachtige oosten achtte ik deze reis wel verantwoord. Als ik 2 lange dagen zou maken dan kwam ik precies op tijd aan de grens. En inderdaad ondanks de steeds frequentere controles die heel wisselend verliepen kwam ik op 22 juni, de dag dat mijn visum verliep aan de grens in Lars in de Kaukasus.

De controles van de DAI waren heel wisselend, vaak was alleen het paspoort voldoende en na een kort praatje (met handen en voeten, dat steeds gemakkelijker af gaat aangezien de vragen steeds hetzelfde zijn) kon ik verder. Af en toe moest ik geregistreerd worden en moest er een boek van een stoffige plank getrokken worden en werd er achter de oren gekrapt wat nou waar ook al weer ingevuld moest worden. Het geeft wel aan hoeveel toeristen er hier langs komen. 1 maal werd werkelijk alles nagekeken onder het mom van wapens en verdovende middelen. Bij alles werd gevraagd: Wat is dit? Probeer dan maar eens rustig te blijven, maar dat lukte toch redelijk goed. Je weet dat dit soort dingen gewoon bij zo'n reis horen.
Aan de grens werd mij wederom de toegang geweigerd. In het kantoor van de hoofd van de douane, de enige die Engels sprak, werd mij het hele verhaal duidelijk. Het is niet Georgië die me de toegang weigerd maar het zijn de Russen die mij beletten het land te verlaten. Geen enkele grensovergang tussen Rusland en Georgië laat buitenlanders door. Alleen per boot (vanuit Sochi en Novorossysk) of via de lucht kan men de grens over komen. Met deze wetenschap schoot ik niet veel op aangezien mijn visum af liep. Geen probleem met een officier terug gereden naar een nabij gelegen kazerne waar mijn visum verlengd zou worden. Nou, zo simpel ging dat niet. Het enige dat men kon doen was mij terug begeleiden naar het kantoor van de OVIR in Vladikavkaz. Dat gebeurde echter pas toen men de werkdag er op had zitten en men terug naar huis ging,in Vladikavkaz, maar toen bleek het kantoor van de OVIR ook reeds gesloten te zijn. Morgen om 14 uur ging deze pas weer open. Ik heb in de buurt maar een mooie vallei opgezocht en de dodenstad bij Dargavs bezocht.


De dodenstad bij Dargavs
De overnachting vond plaats bij een oud sanatorium in de bergen dat compleet afgebroken was. Alles was kapot en verwijderd alleen het karkas stond er nog. Binnen lagen de koeievlaaien op de vloer.
De volgende dag stond ik om 14 uur bij de OVIR op de stoep. Van mijn gebrek aan de kennis russisch misbruik gemaakt om voor te dringen en voor de nodige problemen bij de beambte te zorgen. Probleem was dat mijn visum reeds verlopen was en dat er achteraf weinig aangedaan kon worden. Mijn verhaal werd op schrift gesteld en na mijn ondertekening vertrok ze voor een half uur. Ik ging intussen even mijn motor, vol beladen, controleren en daar bleek een politieauto door de luidsprekers te roepen dat die motor daar weg moest, tenminste dat leidde ik af uit zijn handgebaren, niet uit wat er uit de luidsprekers kwam. Dus mijn motor maar een straat verderop niet op de stoep geparkeerd en terug naar de OVIR. Daar kwam de grote baas, Alexander, erbij en na nogmaals uitgehoord te zijn werd besloten mijn visum voor 5 dagen te verlengen zodat ik terug kon rijden en de boot kon nemen. Direct na het ontvangst van het visum ben ik vertrokken, dezelfde weg terugrijdend.
Het stuk van Labinsk naar Sochi reed ik zelfs voor de derde(!) maal. In Sochi direct door gereden naar de haven om te informeren naar vervoer. Hier blijkt dat ook Georgië per zee niet meer aangedaan wordt vanuit Rusland. Zowel Sukhumi als Batumi zijn ook over zee niet bereikbaar. Wel gaat er een boot naar Trabzon (Turkije). Gelukkig gaat die morgen (26-06) al en heb ik geen verdere verlenging van mijn visum meer nodig. Kosten: US$ 69,- voor mij en US$ 107,- voor de motor. Vanuit Trabzon is het wel mogelijk de boot naar Batumi te nemen maar ik laat mijn bezoek aan Georgië maar aan me voorbij gaan als ik eenmaal in Turkije ben. Wat na mijn aankomst in Trabzon te doen?
Eerlijk gezegd heb ik me daar nog geen moment druk over gemaakt, dat kan ik nu mee beginnen omdat ik pas morgen om 17 uur in de haven hoef te zijn. Ik heb dus ruim een dag om Sochi te bekijken en daar kan ik nu mee beginnen nu mijn reisverslag weer helemaal bijgewerkt is. Kortom: Ik verveel me nog geen enkel moment en verbaas me nog elke dag over de meest rare dingen.

Samen met de DAI op de verplichte foto
Zo werd ik gisteren door de DAI aangehouden met de vraag of ik een fototoestel bij me had. Ja, die heb ik. Bleek dat aan de overkant een lokale biker zijn eigen gemaakte motor liep te showen aan de politie en dus moest deze agent op de foto samen met de beide motorfietsen (en bestuurders).
Ik stop er nu snel mee aangezien het Internetcafé waar ik me bevind in eigenlijk een grote game-hall is waar voornamelijk de lokale jeugd op de PC allerlei actie-spelletjes speelt. Vooral het bijbehorende geluid is razend interessant en moet zo hard mogelijk gezet worden.

Mijn tent en motor nauwelijks zichtbaar vanaf de weg