Reisverslag 06          Amman (Jordanië) t/m Amman (Jordanië)

Ik begin nu maar helemaal opnieuw aangezien het licht hier ineens uitviel toen ik al een uur aan het typen was en ik dus alles wat ik ingetypt had verloren was. Ja, ja ik weet wel dat ik een backup had moeten maken maar in praktijk denk je er niet altijd aan (nu wel trouwens!). Dus beginnen we gewoon weer opnieuw. Inmiddels ben ik 18.470 km onderweg en nog geen 3500 km van huis verwijderd. Niet echt efficient gereden dus maar het genot gedurende de reis was wel hoog en heel veel gezien en meegemaakt zoals ook de bedoeling van zo'n reis.
Nadat ik mijn visum voor Syrië opnieuw gekregen had was er geen reden om nog langer in Amman te blijven. Bij het amphitheater, het enig mogelijk interessante in Amman kwam ik een motorrijder tegen die over de kaart gebogen stond. Het bleek Stephen te zijn, een Nieuw-Zeelander die na enkele jaren in Londen gewerkt te hebben een motor had gekocht en de wereld wilde gaan verkennen. Hij was begonnen met Europa en reeds 8 maanden onderweg. Ja, hij was begonnen in december en ook tot de conclusie gekomen dat het in de winter op de motor in Europa geen pretje was. Hij had een R100RT maar de T kon wel weggelaten worden aangezien hij bij een ongeluk in Italië zijn kuip was kwijt geraakt. Hij zocht het Cliff hotel, hetzelfde hotel waar ik verbleef en dat was dus snel uitgelegd. Later bleek dat ze hem bij mij op de kamer geplaatst hadden waarschijnlijk onder het mom: die hebben genoeg gesprekstof.


Schitterende off-road wegen in het Jordaanse woestijnlandschap
Dat was ook inderdaad zo en gezamenlijk besloten we over de Kings Highway naar het zuiden te rijden. Deze naam heeft waarschijnlijk weinig te maken met de koninklijke familie hier maar meer met het gevoel dat je krijgt als je deze weg bereidt. Een bijna verlaten weg die door een schitterend woestijnlandschap slingerde. Niet alleen heen en weer maar ook op en neer. Als er een rivierbedding gekruist werd ging het eerst 500 meter naar beneden en per brug over een droge rivierbedding om vervolgens weer 500 meter omhoog te gaan. Werkelijk een schitterende weg, en ik maar denken dat woestijnlandschappen saai waren.

Magnifiek uitzicht over een diepe vallei
In Dana wilden we overnachten in een hotel met een schitterend uitzicht over een steile vallei maar de prijs die men vroeg was te hoog. Onder het genot van een kop thee begon het afdingen maar de prijs bleef (o.i.) te hoog en dus vertrokken we weer. Of we dan wel nog even voor de thee wilden betalen. We overnachten langs een zandweg vlakbij het dorp en het uitzicht was er eigenlijk nog mooier dan in het hotel, met een schitterende zonsondergang als bonus.
Naar Petra was het nog een klein eindje en al vroeg stonden we daar voor de poort. Van de 'afschrikbarende' toegangsprijs van JD 20 (NLG 70,-!!!; de toeristen betalen de prijs toch wel) voor 1 dag waren we reeds op de hoogte dus kochten we het voordeligere ticket van JD 25,- voor 2 dagen. Dan hadden we ook iets rustiger de tijd. De eerste dag doorgebracht met het bezoeken van de belangrijkste bezienswaardigeheden en heel veel gerust. Dat was niet alleen nodig vanwege het bloedhete weer maar ook omdat ik in mijn motorbroek en schoenen rondliep wat het er niet eenvoudiger op maakte. Het was zeer indrukwekkend; de buitenkant, binnenin was het niet meer dan een grote vierkante kale ruimte. De meegenomen watervoorraad van 1.5 liter was absoluut ontoereikend en de prijzen daar rezen de pan uit.

Petra
's Middags omhoog gelopen naar het klooster en daar enkele uren doorgebracht met eigenlijk niets doen. Een beetje genoten van het fraaie uitzicht en gekletst met de vele toeristen die daar rondhingen. Voornamelijk backpackers aangezien het voor de doorsnee bustoerist te ver was (had slechts enkele uren de tijd voordat hij weer bij de bus terug moest zijn) en een te inspannende klim.
In de namiddag, gewapend met veel kennis over de lokale hotels hebben we een kamer geboekt. Het was een 3-persoonskamer waar we met ons 2-en lagen. Maar toen we 's avonds in het dorp gingen eten zagen we (alweer) een motorrijder. Het was de Duitser PeeWee die door Tunesië, Libië en Egypte gereden was. Vooral interessant voor Stephen aangezien hij naar Egypte heen wilde en PeeWee inderdaad hier veel over kon vertellen. Voornamelijk de mij reeds bekende verhalen dat het enorm veel geld kost om je motor door de douane heen te krijgen en dat je vrijheid om te reizen waarheen je wilt zeer beperkt is (veel rijden in konvooien). Dus het eindigde er mee dat PeeWee ons derde bed in gebruik nam.

Een stukje vakwerk!
De 2e dag in Petra gingen we beter voorbereid te werk: gewone kleren aan die vooral luchtig waren en voldoende eten en drinken mee voor de gehele dag. Deze dag hebben we (de drie bikers en Claudia, een Chileense die Stephen in Amman ook al had ontmoet) de meer afgelegen bezienswaardigheden bezoeken waarbij een rustig tempo centraal stond. Dus veel rusten en zelfs een heuse middagslaap gehouden. Gewacht aan de rand van een klif en een fraaie zonsondergang meegemaakt. Vervolgens moesten we nog helemaal naarbeneden en de enkele km's teruglopen naar de ingang. Mede doordat het laatste deel door een nauwe kloof ging was het daar al pikkedonker toen we er doorheen liepen. Een vermoeiende maar schitterende dag.
De volgende ochtend reden Stephen en ik door naar Wadi Rum, een heel klein dorpje midden in de woestijn. De meeste mensen gaan er heen om tochten door de woestijn te maken per kameel of 4WD-drive. Wij hadden echter andere plannen. PeeWee was via Aqaba dwars door de woestijn naar Wadi Rum gereden. En dat leek ons ook wel wat maar we hadden er nogal een hard hoofd in. Volgens PeeWee was het echter wel te doen met onze motorfietsen en belading dus misschien... In Wadi Rum was het echter bloedheet (zoals het een woestijn betaamt) dus hebben we de tent opgezet en alle bagage van de motor verwijderd en in de tent gegooid. In de late namiddag hebben we dan een poging gewaagd. Met de banden bijna leeg ging en de adviezen van PeeWee in het achterhoofd (hij kon het weten met zijn 20 jaar motorcrosservaring) gingen we de woestijn in. Echt ver kwamen we niet al na 500 meter zaten we beide muurvast in het zand gegraven. En toen werd het werken: met een motor kom je eigenlijk bijna altijd wel weer los al kan dat wel menig zweetdruppel kosten. De 1.5 liter fles was dan ook leeg in no-time en eerlijk gezegd gaat de aardigheid er ook heel snel af als je vast zit. Dus maar omgekeerd (wat ook nog een heel werk is aangezien je dan van de paden af moet en het zand er niet beter op wordt) en terugge"reden" naar Wadi Rum. Toch hadden we er wel lol in gehad en besloten morgenochtend een nieuwe poging te wagen al was het inmiddels wel duidelijk dat we niet door de woestijn naar Aqaba zouden rijden.

De volgende morgen ging het inderdaad beter. Het eerste stuk was nogal mul maar daarna werd het beter. De adviezen van PeeWee (gas verder openen als het muller wordt) hebben we beter op kunnen volgen en dan liep het ineens veel beter. Als je de gang er maar inhoudt dan blijf je wel rijden. Toch moet je dan bij kruisingen plotsklaps beslissen welke kant je op gaat en dat gaat op een gegeven moment verkeerd en kom je in een mul spoor terecht en graaf je jezelf in. Nu begon weer hetzelfde als gisteren met het loskomen maar onze onderlinge analyse van de gebeurtenissen gisteren had toch wel vruchten afgeworpen. Het feit dat je met z'n 2-en reed bracht niets aangezien je niet naar de ander keek zolang je reed: alle aandacht op de weg. Terwijl ik zoveel mogelijk de sporen probeerde te volgen reed Stephen veel meer dwars door de woestijn al springend over struiken en stenen. Dat resulteerde erin dat hij z'n hele koplamp verloor en de voorvork olie begon te lekken. Niet echt fraai en dus besloten we terug te rijden. Al met al waren we toch nog 5 km de woestijn in gereden. Terug in Wadi Rum mijn banden weer op 'wegspanning' gebracht en toen Stephen even later ook mijn pomp wilde gebruiken werkte deze niet meer door het zand dat er in gestoven was.
In de late namiddag heb ik afgescheid genomen van Stephen en ben alleen naar Aqaba gereden en heb in de schemer mijn tent aan de kust van de Rode zee op de camping opgezet. In Aqaba wilde ik een duikcursus gaan volgen aangezien de Rode zee een van de mooiste duikplekken ter wereld schijnt te zijn. Dus tijd om eens te informeren. Bij het Royal Diving Centre was het volgen van een cursus geen probleem alleen begon de eerste cursus pas op 19 augustus en diende ik dus nog 3 weken te wachten. Verder informeren bracht me bij Seastar waar ik wel direct beginnen kon. Die ochtend waren juist 7 personen met de cursus begonnen en ik kon zo meedoen. Ook kon ik de volgende ochtend beginnen (met z'n 2-en). Hier had ik meer oren naar, en heb het cursuspakket meegenomen naar de tent om daar eens met de theorie te beginnen.
De eerste dag begon met 2 sessies in het zwembad waarbij je vertrouwt gemaakt wordt met de beginselen van het duiken en waarbij je allerlei oefeningtjes moet doen. De nadruk ligt duidelijk op veiligheid. Allerlei zaken moet je weten en/of kunnen doen in geval van nood. Niet echt moeilijk maar met het warme weer wel lekker om in een zwembad te 'spelen'. Ook het feit dat je onder op de bodem van het zwembad geruime tijd verblijven kan heeft wel iets speciaals. De reden dat we deze beide zwembadsessies direct achter elkaar hadden was omdat we qua praktijk dan gelijk liepen met de andere groep. Die middag hadden we gezamenlijk onze 3e zwembadsessie. De volgende (2e) dag was het al tijd voor de eerst duik in het open water, en waar anders dan in de Rode zee werden deze duik gedaan. Niet dat je veel ziet van de onderwaterwereld aangezien je druk bezig bent met allerlei oefeningen, maar het geeft je wel een enorme kick. En als toetje werd 's middags de 2e duik in de Rode zee gedaan.


Het afscheid
De ochtend van de 3e dag werd besteed aan de laatste beide oefeningen (4 en 5) in het zwembad en 's middags konden we de laatste 2 duiken in open water doen. Dit was op speciaal verzoek van enkelen van de andere groep die de praktijk wilden afronden. Wij hebben alleen de 3e duik gedaan en lieten de laatste duik tot morgen wachten. Met de theorie liep ik ver achter. De eerste 3 van de 5 hoofdstukken had ik pas doorgenomen. Van mijn geplande avondleersessies bij de tent kwam niet altijd even veel aangezien ik bv. een Waals echtpaar trof dat pas in Pakistan en India geweest was en we daarover dus veel kon vertellen. Die avond heb ik hoofdstuk 4 doorgenomen.
De volgende ochtend hebben we de laatste duik uitgevoerd die al veel relaxter was. Veel van de noodzakelijke oefeningen hadden we in de vorige duiks reeds gedaan dus hadden we nu meer tijd om rond te zwemmen (of is het drijven?). De rest van de dag de nodige tests gedaan aan het strand en het laatste hoofdstuk doorgenomen. Tenslotte de eindtest die ik met 3 fout, van de toegestane 12, met goed gevolg aflegde. Gelijk voor de volgende dag maar gelijk een duik geregeld, zodat ik eens kon duiken 'in het echt'. Het was geen diepe duik (9 meter) maar er was enorm veel te zien aan koraal en vissen, vooral voor mij aangezien eigenlijk alles nieuw was. Volop genoten! Maar na een week in Aqaba werd het weer hoog tijd om terug te keren, en aangezien ik alles in Jordanië gezien had wat ik wilde zien ben ik in 1 stuk naar Amman terug gereden. Uiteraard wederom over de Kings Highway die dit maal niet zo bloedheet was als de afgelopen keer. 's Avonds tegen zonsondergang arriveerde ik in Amman waar ik nu het voordeel had dat ik de weg wist. De planning is om morgen door te rijden naar Damascus om te zien of de Brugman-lui nog steeds bij UCIC (in Damascus) zijn en dan langszaam verder noordwaarts te rijden naar Turkije.