Reisverslag 23 Aranyaprathet (Thailand,
30-03-2002) t/m Singapore (05-06-2002)
Thailand
Het welkom aan de grensovergang was warm en toen we bij de Thaise douane kwamen
was het net een script van een slapstick. Dat konden we ook wel gebruiken
aangezien we nog stonden na te druppelen van de regenbui. Normaal gebruik je in
elk land voor je motor je carnet de passage' maar Thailand heeft een eigen
systeem met een wit papier waarop je de motor tijdelijk mag importeren. Het
grote verschil echter is dat er op dat witte papier een verloopdatum staat en op
het carnet niet (al is die er wel maar die weet niemand)! De geldigheidsdatum
van het witte papier wordt gelijk gemaakt aan de geldigheid van het visum in je
paspoort. Dus probeert elke overlander zijn carnet te laten stempelen zodat je
tenminste hier geen omkijken meer naar hebt. (De verlenging van het witte papier
is trouwens gratis). Officiëel echter accepteert Thailand het carnet niet eens
maar dat weten ze bij de douane alleen, voor zover ons bekend, op de luchthaven
in Bangkok, bij de Friendshipbridge met Laos en aan de snelweg aan de
Maleisische grens. Bij de rest is het om het even. We hebben zelfs verhalen
gehoord van motorrijders die samen aan de grens kwamen en de één zijn carnet
liet stempelen terwijl de ander het witte papier wilde hebben!
Wij wilden nu het witte papier hebben want het was inmiddels al 30 maart en het
oude carnet was op 12 maart reeds verlopen. In Cambodja had niemand hier acht op
geslagen. Ook in Thailand werd er niet op gelet, maar Martins nieuw carnet zat
in het krat bij mijn motor en we wilden het oude carnet direct met Marie Louise
meegeven. Dit gaf enorme problemen aangezien de beambte het carnet wilde
stempelen. Uiteindelijk toch het witte papier gekregen al moest Martin deze wel
zelf invullen. Dat de beambte liever lui dan moe was was duidelijk zichtbaar,
mede ook doordat het stempelkussentje op de balie stond en wel aan de
buitenzijde. Martin en ik bleven stempeltjes aangeven, alhoewel we er geen rooie
cent voor betaald kregen. Ze zijn dol op stempels, dus vervelen doe je je op
zo'n moment niet. Gelukkig had Martin ooit al een copy gekregen van een eerder
gebruikt wit formulier dat nu als voorbeeld gebruikt werd om het nieuwe
formulier correct in te vullen. Door de regen was de luchtvochtigheid flink
toegenomen en werd het zo langzaam maar zeker bloedheet. Nadat alle
formaliteiten waren afgehandeld kon Martin zijn Rosie even kietelen, want het
gas goed openen, dat was reeds een hele tijd geleden voor ons. 120 km/u voelde
als een speer en 140 km/u als een torpedo. Bijna vergeten hoe dat ook al weer
ging.
De overgang van het dorre Cambodja met zijn slechte wegen overgaande naar 'een
land van melk en honing' deed ons wel het enorme luxe van Thailand beseffen. Bij
een benzine station kochten we ijskoud drinken en allebei een zak chips. Wat een
luxe zo'n zak chips. De gehele dag dreven we al uit ons motorpak en dus hadden
we een goed excuus: we moesten onze zout behoefte aanvullen. We waren erg moe en
hebben rond de klok van 17.30 uur een hotel langs de weg genomen. Het was
genaamd "The Garden Hotel" en aan de achterzijde bevond zich een gezellige
waterpartij en konden we op het terras even op adem komen. Martin zag 's avonds
dat de achterband lek was dus de volgende morgen was er eerst werk aan de winkel
voor hem. Er zat een spijker van 2,5 cm in de nog nagenoeg nieuwe band. Een
ieder van ons doet waar hij goed in is en in een handomdraai had Martin de band
geplakt. We gingen op weg richting Bangkok, maar we wilden eerst een blik werpen
op Pataya. Na alle verhalen van Erik vernomen te hebben konden we ons er een
voorstelling bij maken maar je moet altijd zelf een oordeel vormen over mensen
en dingen en het dus zelf aanschouwen.
Pataya???
Ze hebben er een 'Starbucks Coffee' en hier kun je koffie krijgen zoals alleen
Ed het maken kan. Het is enorm toeristisch en je kunt het vergelijken met Lloret
de Mar. Wat ons opviel waren de vele dikbuikige, oudere blanke mannen met
slanke, zeer jonge Thaise vrouwen, die hun dochter konden wezen. Even een ritje
langs de boulevard van Pataya gemaakt en vervolgens snel het gas er op en door
naar Bangkok, want daar zou de volgende dag mijn motor arriveren.
Alles bleek volgens schema verlopen te zijn en in alle vroegte waren wij op weg
naar de luchthaven om het bikie op te halen, met de taxi deze keer want dan kon
Martin mijn motor terug rijden naar het hotel. De formaliteiten met de
douaneautoriteiten verliepen nogal soepel en snel, want Martin had inmiddels al
de nodige ervaringen m.b.t. het afhalen van motoren op Bangkok Airport. Net voor
de lunch werd de kist buiten gezet en zo kon men mooi tijdens de lunch zien hoe
wij de kist openden en de motor in elkaar zetten. Toen de motor gereed was
wilden we hem starten maar er gebeurde niets. Geen wonder, want na een half jaar
in een krat doorgebracht te hebben zonder de accu los gekoppeld te hebben kan
ook niet goed gaan! De mannen van de douane hadden heel behulpzaam en al snel
stond er een Pick Up naast de motor en werden de startkabels aangekoppeld en de
motor startte perfect. Echter zodra de kabels los gekoppeld werden sloeg de
motor direct af, ook als de motor meerdere minuten gedraaid had. Martin had geen
zin om 'en publiek' alles overhoop te halen en het was duidelijk een accu
probleem. Dus werd er een pickup geregeld door dezelfde douanebeambten geregeld.
Na anderhalf uur werd het wachten beloond en werd de motor en bagage in de
pickup geladen, onder veel belangstelling en hulp van de lokale bevolking. Nog
dezelfde dag heeft Martin de accu weggebracht, want de hoeveelheid accuzuur
bleek veel te laag te zijn. Men zou het zuur vervangen en de accu opladen en dan
konden we morgen kijken of hij dit avontuur overleefd had. De volgende dag
echter bleek dat de motor en accu weer perfect samenwerkten en geheel
zelfstandig een heerlijk roffelend geluid kon produceren.
Er waren meer motorrijders aangekomen in Bangkok en Ennio een oude bekende en
vriend van ons was ook van de partij. Aan mijn motor moest nog wel het één en
ander doen gebeuren voor deze aan het echte werk kon beginnnen. Zo moest b.v. de
voedingskabel voor de GPS aangesloten worden. Ook lekte er motorolie langs het
frame naar beneden. Het bleek dat de luchtfilterkast vol met motorolie zat. Dat
hoort ook wel, doch niet in deze mate. Navraag leerde dat dit gebeurd als er te
veel motorolie is toegediend en de luchtfilterkast is dan de eenvoudigste weg
naar buiten. Best wel gevaarlijk omdat de motorolie dan langs het frame loopt en
mogelijkerwijze op de achterband kan komen met alle mogelijke gevolgen van dien.
Pikant detail is dat de motorolie bij de BMW-dealer in Nederland was bijgevuld.
Slordig! Temeer dat de motor van Erik exact hetzelfde probleem had. Alle
motorolie uit de luchtfilterkast verwijderd en sindsdien hebben we er geen
probleem meer mee gehad.
XXX |
Maar ondanks dat dit mijn bikie betrof had ik toch hele andere dingen aan mijn
hoofd en was het hoofdzakelijk Martins beslommeringen omdat de volgende dag zou
Marie Louise, de jongste dochter, in Bangkok aan zou
komen en dus stond alles even meer in het teken van haar komst dan van de motor.
Uiteraard haalden we haar van de luchthaven af al vond ik wel dat we enorm lang
moesten wachten. Zou ze wel komen?... maar eindelijk, daar kwam ze dan door de
deur!!! Er vloeiden de nodige tranen en onze kwekken stonden niet stil toen we
eindelijk weer samen waren. Marie Louise was afgelopen Augustus voor een jaar
naar 'The States' gevlogen om een jaar Highschool te volgen, maar zij bleek
enorme heimwee te hebben en dus was ze eerder terug dan gepland en het is meer
dan geweldig om je kind weer bij je te hebben na elkaar bijna 8 maanden niet
gezien te hebben, al is het maar voor 3 weken.
Het weer was warm in Bangkok en dus was de omschakeling voor haar groot. Ze
moest de eerste dagen dan ook wel even wennen. Het eten bij stalletjes op straat
was ook nieuw (en een beetje onwennig) voor haar, maar in no-time had zij zich,
als een kameleon, aangepast aan haar nieuwe omgeving. Fruit werd naar binnen geschoven als een gebakje. Wennen aan
de kakkerlakken doe je echter nooit en op een avond liepen er een aantal
kakkerlakken vlakbij onze tafel in het restaurant. Marie Louise legde zeer snel
haar benen over die van haar moeder. Nadat er was afgerekend en we op straat
stonden, sleepte mijn jurk over haar voeten. Dit had tot resultaat, dat zij
vreselijk begon te gillen. Ik schrok net zo hard als zij en dacht dat er een
kakkerlak bij mijn voeten was gesignaleerd. Net zo hard gillen dus en de appel
valt niet zo ver van de boom. Met van die open Halleluja slippers ben je ook
nergens meer veilig.
In het guesthouse waar wij verbleven kwamen we niet echt tot rust en het drukke
Bangkok hielp ook niet echt. Wij hadden al besloten om deze weken ook vakantie
nemen en dus de motoren laten staan. Waar gaan we dan heen? De Filippijnen was
al vaak door mij reeds vaak ter sprake gebracht als een lang gekoesterde wens
van mij. Tevens zijn vluchten vanuit Bangkok (relatief) goedkoop en zaten we er
nu 'in de buurt'. De gelegenheid maakt de dief, dus op naar het reisbureau maar
het bleek niet gemakkelijk een passende vlucht te vinden op korte termijn. Vol,
vol en nog eens vol. Uiteindelijk via Hong Kong een vlucht geboekt en we
besloten om daar gelijk maar een verblijf aan vast te knopen. We hadden een
heerlijk vooruitzicht! De dagen in Bangkok waren omgevlogen met weinig
activiteiten, behalve de verplichte bezoeken aan de Gouden Tempel e.d., en
uiteraard veel kletsen.
Op 9 april was het eindelijk was het zover: we gingen op vakantie! Op het
reserveringsbewijs stond dat we om 11.10u zouden vertrekken, maar toen Martin 's
ochtends tijdens het ontbijt op het ticket keek schrok hij toen hij zag dat de
vlucht al om 07.45u was en dat er toen paniek in de tent was zal duidelijk zijn
aangezien deze vertrektijd reeds verstreken was. Martin wist zeker dat op het
briefje van het reisbureau 11.10u als vertrektijd stond, maar waar was dat
briefje gebleven? Ik wist dat het briefje in de motor zat en Martin dacht, dat
het in de bagagerol zat, welke al was opgeslagen. Hij liep naar de bagage en ik
fluisterde hem nog na, dat ik 100% zeker wist dat het in de motor zat al wist
hij zeker van niet. Deze koppigheid kwam mij bekend voor, want een soortgelijk
incident hadden we al eerder meegemaakt en toen had ik ook gelijk gehad. Omdat
anders de gehele rol leeggemaakt moest worden, want we hadden alles reeds
weggeruimd, koos Martin eieren voor zijn geld en vertrouwde op zijn Ketelbinkie
en vond het reserveringsbewijs inderdaad in de koffer met 11.10u als
vertrektijd. Balen dat ze de vertrektijd ongevraagd gewijzigd hadden stapten we
snel in een taxi. In de taxi keek Martin nog eens goed op de tickets en ontdekte
toen dat 07.45u het vluchtnummer was en dat de vertrektijd op 11.10u stond. Dus
het beroemde storm in een glas water en het deed zijn imago geen goed.
"Kwak, kwak" dacht ik, "de paniekvogel was weer in volle actie" en deze keer was
Martin de paniekvogel (meestal ben ik het). Op de luchthaven verliep niet alles
even soepel, want Martin had zijn zakmes nog in zijn broekzak, niet aan gedacht
en hij had vele jaren met zakmes op zak rond gevlogen maar sinds september vorig
jaar is dit allemaal veranderd en met veel tam tam deed hij afstand van zijn
zakmes dat hij in Manila terug zou krijgen. Veiligheid stond hoog in het
vaandel! Tot drie keer werden we alleen al in Bangkok gecontroleerd. Dat vond ik
toch wel heel erg overdreven. Net alsof men de voorgaande controles niet
vertrouwde. Wel terecht overigens want alle controles waren heel oppervlakkig en
waarschijnijk alleen bedoeld om de reiziger een veilig gevoel te geven.
We vlogen naar Hong Kong en daar moesten we overstappen. Een prachtige nieuwe
luchthaven, ruim en omgeven door bergen en uitzicht op enkele van de vele
wolkenkrabbers welke Hong Kong rijk is. Roken was tijdens de vlucht verboden en
ook op de luchthaven was dit taboe. Marie Louise had toch zin in een sigaretje
en de rookruimte was voorzien van een groot glazen raam. Wij namen plaats in de
stoelen met uitzicht op het enorme raam en het was als een enorme breedbeeld
televisie met Marie Louise in de hoofdrol. Het spelletje 'Hints' werd door haar
gespeeld. Martin en ik konden er weinig van maken maar we lagen allebei wel in
een deuk. Al konden de overige 'TV-sterren' in het hok het allemaal niet echt
waarderen. Een aap werd nagedaan en we zagen echt heel wat aapjes in beeld.
Filippijnen
We moesten nog twee uur vliegen naar de Filippijnen. Onze bagage afgehaald en
het zakmes.... Tsja, deze was niet meegekomen en had waarschijnlijk de
aansluitende vlucht in Hong Kong gemist. Maar men zou het zakmes over laten
komen zodat Martin het van de luchthaven af kon oppikken voordat we weer
vertrokken. We hebben dus niet veel plezier van het zakmes gehad!
Waar gingen we heen gedurende ons 10-daags bezoek aan de Filippijnen? Ons maakte
het niet veel uit als het er maar rustig was. Marie Louise wilde graag surfen en
de makkelijkst toegankelijke plek op de Filippijnen was San Juan in het
noordwesten van Luzon. Het surfseizoen was wel reeds voorbij maar de echt hoge
golven konden we toch niet gebruiken. We besloten om Manila te mijden dus toen
we in Manila aankwamen, en de duisternis al gevallen was, besloten we om direct
een taxi naar Angeles te nemen, zo'n twee uur rijden. Daar een nacht overnacht
in een hotel welk adres we van een hotel eigenaar in Cambodja gekregen hadden
die 10 jaar op de Filippijnen had gewoond. Sunset Garden Inn had een zwembad en
deed veel aan een Amerikaans motel denken. Marie Louise dook snel het water in
en nadat we wat gegeten hadden hebben we snel ons mandje opgezocht. Het was de
laatst beschikbare kamer, dus we sliepen met zijn drietjes op de kamer. De
volgende morgen besloten we verder te gaan per bus, maar eerst met een
brommertje met zijspan (een tricycle) naar het busstation gereden. Martin met
alle bagage in de zijspan van zo'n wonder op wielen. Marie Louise bij mij in de
tricycle, zij achterop bij de bestuurder en ik in de zijspan met de overige
bagage.
XXX |
Het was echt lachen met zijn allen. De busrit naar San Fernando
de la Union was 250 km maar duurde wel 6 uur. Vervolgens was het nog maar 8 km
in een Jeepney (een verlengde jeep, waar je voor een kwartje in meerijdt) naar
de stranden van San Juan waar de familie Doorzon zou gaan surfen. Martin had het
nooit eerder gedaan, maar door Marie Louises enthousiasme was hij snel over
gehaald.
Onze eerste indruk van de Filippijnen was heel positief. Het is héél anders dan
Thailand. Je ervaart er de Amerikaanse invloeden, de sfeer is 'easy going', de
mensen zijn beleefd en hartelijk. Wij ervaren het als zéér prettig. Je kunt de
borden lezen langs van de weg en iedereen spreekt Engels. Bovendien is het eten
super lekker. Wij waren aangekomen in het Monaliza Beach resort, het
surf-walhalla. Alles aanwezig: bungalows aan zee, het geluid van de golven, maar
alleen géén surfgolven, alleen heel kleine kabbelende golfjes. We zijn 's avonds
in een muziekbar gaan eten. Drie dames in superkorte rokjes zongen, niet
onaardig, de sterren van de hemel. Martin kwam ogen tekort en Marie Louise zat
de dames na te doen. Iemand aan de andere tafel zag dit en schoot in de lach.
Marie Louise moest er zelf ook wel om lachen. We hadden nog een lekkere
wandeling voor we bij onze bungalow aankwamen met op de achtergrond het
rustgevende geluid van de zee. Dit op ons in laten werken hopende dat de golven
morgen beter waren. De zee bleek al sinds twee weken zo rustig te zijn met geen
golven om op te surfen, maar wat niet is kan nog komen. Hier bleek de wens de
vader van de gedachten te zijn.
XXX |
De volgende dag zagen wij dat de zee in aktie was gekomen en we zagen zelfs
mensen surfen! Snel Marie Louise uit
bed gerammeld en via hethotel een longboard gehuurd, waarna het feest kon
beginnen. De surfvaardigheden moesten opgefrist worden maar met enkele snelle
lessen van de lokale surfers ging het al snel heel aardig. Na een tijdje mocht
Martin het ook eens proberen en al snel surfde hij op het board over de golven.
Alleen lag hij daarbij nog op zijn board i.p.v. te staan maar daar werd
vervolgens hard op geoefend met als enig resultaat dat we ons de blubber
lachten. Maar moedig was hij wel. Het belangrijkste was echter dat we allen een schitterende dag
hadden en ons goed vermaakten. Aan het einde van de dag werd er echter
afgerekend en werd 'Red Alert' ingeschakeld, want drie kreeften zaten na te
bakken van een dagje zon. De één had pijn in zijn schouders en de ander had pijn
in zijn benen en nummer drie had pijn in zijn tenen. Het gekreun en gepiep was
erbarmelijk. Tja, een motor tussen je benen maneouvreren is heel wat anders dan
te proberen te gaan staan op een plankje in de branding. Marie Louise had nog
een ander probleem. Zij was in de vroege ochtend zo snel en enthousiast naar het
strand gelopen met het surfboard dat ze zonder schoenen was vertrokken en de
rest van de dag had rond gespookt met twee verbrande grote tenen. De volgende
morgen hoefden we haar niet na te roepen om haar slippers aan te trekken.
Shit (letterlijk en figuurlijk)
Toen wij vanaf het strand naar huis gingen en ik mijn sarong optilde, waar we
lekker op hadden gezeten. Op dat moment kwam er een enorm penetrante
adembenemende lucht je tegemoet. Je raadt het al.... Muts had in de stront
gezeten. Snel in de zee de sarong uitgespoeld en nog sneller in de was gedaan.
In plaats van geluk onder je schoenen, vind je het hier op het strand.
Kip is hier nog verser dan vers en Marie Louise was hier getuige van. Ze trok
veel op met de lokale jeugd en ging met hen naar een basketbal wedstrijd kijken.
Omdat er na afloop wel gegeten moest worden werd er in de middag reeds kippesoep
gemaakt. Alle ingrediënten waren verser dan vers. Hoe vers.....? De kip liep
lekker te scharrelen, werd bij zijn kladden gepakt en in het bijzijn van Marie
Louise onthoofd. Dit was iets teveel voor haar en haar eetlust was gelijk tot
nul terug gebracht. Zo doen ze dit dus in de tropen en het garantie keurmerk van
verser dan vers werd er discreet bij geleverd. We horen veel over de positie van
de vrouw. Nog voor het krieken van de dag, let wel om 4.00 uur!, staan de
vrouwen op om eten te koken voor hun man, want ze eten in de ochtend warm. (Wat
een leven hebben wij Westerse vrouwen). De vrouwen zijn erg onderdanig en hun
belangrijkste taak is het baren van kinderen. Een groot probleem wat ook op de
Filippijnen aanwezig is, is het drank ge(/mis)bruik. Overal ter wereld hoor je
wel dat mensen niet met drank om kunnen gaan en ook hier hebben veel van de
mensen een drank probleem. Alcoholische dranken hebben de prijs van limonade en
een gemakkelijkere vlucht om even uit de werkelijkheid van het leven te stappen
is er niet.
Wat ons opviel is dat je alles hier kunt krijgen. De winkels zijn goed gevuld en
je kunt het zo gek niet bedenken het is verkrijgbaar. Zon, zee en rust, mooier
kun je het bijna niet krijgen. Marie Louise was heel snel aardig ingeburgerd bij
de lokale bevolking en er ging geen dag voorbij of zij werd wel ergens mee naar
toe genomen. Als men denkt, dat Amsterdam de plek van de hasj is dan moet ik een
ieder teleurstellen. Overal wordt geblowd, alleen WIJ hebben de naam. (Helaas!).
Wat ons opviel is dat de jeugd je met twee woorden aanspreekt. We hebben kennis
gemaakt met de hele groep. Marie Louise als enig blank meisje was razend
populair en vooral haar azuur blauwe ogen deed menig jongenshart sneller
kloppen. Wij kwamen tot rust en de jongste telg maakte plezier.
XXX |
Beesten, beesten, gek
werd ze bijna, want er was een gigantische kakkerlak gelokaliseerd en dat om
even na middernacht. We lagen bijna te slapen toen er een angstig stemmetje van
bij de hordeur klonk: "Mam, er zit een beest in mijn kamer". Waarop Martin naar
mij toe gelijk reageerde met: "Dan moet ze zeker jou niet hebben, maar kan ze
beter mij roepen". We moesten er wel om lachen. Marie Louise stond stijf
verstijfd van angst voor haar kamerdeur. Nu had ze 's morgens al een gecko in
haar kamer aangetroffen die haar vanaf haar kussen aankeek en dan nog
een kakkerlak van 6 bij 3 cm, dat was iets teveel van het goede. Ach, wat zijn
we zonder Martin? Hij ging zonder vrees het beest te lijf en de woorden van
Buddha, dat je geen dieren mag doden waren snel vegeten. De kakkerlak had geluk
dat Martin nog slaperig was. Op het moment dat hij zich onder het kleine
slippertje van Marie Louise bevond en hij hem en duwtje wilde geven naar de
andere slipper bleek de kakkerlak een stuk intelligentie ten toon te spreiden
waar Martin geen kaas van had gegeten. Martin mopperde, dat Marie Louise van die
kleine voetjes had en de kakkerlak de zodoende kans zag om de dans te
ontspringen (ik gaf de kakkerlak geen ongelijk). Hij schoot omhoog de
toilettafel in. Alle laden werden eruit gehaald, maar de kakkerlak was niet van
gisteren. Hij was aardig thuis in zijn omgeving. Martin werd ondertussen
schijtziek van het slimme beest en heeft uiteindelijk de gehele toilettafel
buiten op de veranda gedeponeerd en konden we rustig gaan slapen. Marie Louise
stond al die tijd buiten op de ballustrade van de veranda het spectakel gade te
slaan. Duidelijk! Dit is dus een kind van haar moeder, bang voor alles wat snel
is en wat kruipt. Zelfs nu de kakkerlak de kamer uit was wilde ze er niet meer
slapen (Welke enge beesten zitten er nog meer op mijn kamer?) en prefereerde ze
om op het strand te gaan slapen. Voor vertrek kwam ze op onze kamer haar toilet
opmaken en gewapend met kussen en deken liep ze vervolgens naar het hutje voor
onze bungalow om op de mat (wie weet wat er daar loopt) rustig de nacht door te
brengen onder het toezicht van de golven van de zee.
Wij verlieten de Filippijnen na 9 dagen aan de kust te hebben doorgebracht al
bleek alleen de eerste 4 dagen surfen mogelijk te zijn. Afscheid was moeilijk. Niet wetende hoeveel gebroken harten we
achter lieten m.b.t. dochter lief, maar één ding was zeker: we hadden genoten.
De dag was vroeg begonnen. We hadden slecht geslapen, want Marie Louise was 's
avonds naar een bruiloft gegaan met de lokale jongeren, maar wij sliepen niet
rustig, omdat we niet wisten hoe laat de freuille thuis kwam. Pas toen Martin
haar op het strand had gesignaleerd en ze met zijn allen rond een kampvuur lagen
te slapen konden wij rustig slapen totdat de hond van het hotel ons om tien voor
half zeven wakker jankte. Martin stoof het bed uit en of je wilde of niet door
zijn gekanker moest je wel wakker worden. Een vroeg ontbijt en om acht uur zaten
we in de Jeepney op weg naar San Fernando, van waar we de bus naar Angeles
moesten nemen. De bus vertrok omstreeks 9.15 uur en Marie Louise was goed ziek.
Ze was misselijk en had diaree. Ze gaf aan uit te willen stappen en de volgende
bus te nemen, maar dit kon helaas niet. Ik ben naast haar gaan zitten en Martin
had het druk met het aangeven van koude compressen, etherische olie en noem maar
op. We hebben een keer de chauffeur verzocht om te stoppen, want Marie Louise
verging van de pijn. Gelukkig was de chauffeur erg aardig en daar stond de
bus.... wachtend op twee blanken. De gehele weg werd Marie Louise in de gaten
gehouden. De kotsemmer was in gereedheid gebracht en we waren er klaar voor maar
werd niet gebruikt. Marie Louise heeft bijna de gehele reis in mijn armen liggen
slapen. Ze is dan wel 17 jaar, maar.......
In Angeles aangekomen, maar naar hetzelfde hotel terug gegaan. We wisten het nu
zeker! Het is een hoerenhotel. We hadden wederom de laatste kamer (we wisten nu
waarom) en Marie Louise sliep weer bij ons op de kamer maar deze keer was het
Martins beurt om op de grond te slapen en dus haalde hij maar twee matrassen van
de ligstoelen bij het zwembad af. We kregen informatie van een serveester. Bij
het zwembad liggen geen ouwe Bessie's, maar van die (volgens Martin zijn
beschrijving) vieze oude mannetjes. Je kent dat wel van die types met hele
spannende zwembroekjes, waar alle vleeswaar wordt uitgestald en dan van die
dikke buiken er overheen hangend. Net of dat een vrouw zou opwinden? (Ik dacht
het niet!) We hebben op het terras de boel eens uitgebreid geobserveerd en op
het moment dat de vrouwen erbij kwamen kon je het trieste schouwspel gadeslaan.
Van enige affectie was geen spraken. Men spreekt hier van objecten en van lust.
Eigenlijk een triest gezicht, want deze mensen zijn gewoon eenzaam! We
vertrokken de volgende morgen naar Manila en hadden nog een flinke busreis voor
de boeg. Marie Louise had de hele nacht doorgeslapen en meer dan 11 uur geslapen
wat haar zeker goed gedaan had aangezien het haar deze busreis goed verging. Het
zakmes van Martin was ook aangekomen en kon mee genomen worden en ging direct in
de tas om herhaling te voorkomen. Daardoor verliep de vlucht deze keer zonder
problemen en aan het begin van de avond landden we in Hong Kong.
XXX |
Hong Kong
De luchthaven in Hong Kong is omringd door bergen en vanuit de verte rijzen de
wolkenkrabbers de lucht in. Het is ook de enige manier om ruimte efficiënt te
benutten, want er is weinig bouwgrond beschikbaar. Een
indrukwekkend geheel en iets wat we niet hadden willen missen. Onze vlucht ging
via Hong Kong, dus waarom daar niet even wat dagen aan vast plakken om daar een
kijkje te nemen. Met de metro reden we van Lantau Island naar Kowloon en daar
een taxi genomen en de taxi chauffeur gevraagd waar een goedkoop hotel was en
hij wist wel wat. Nu was dit hotel niet echt goedkoop, maar Hong Kong staat daar
ook bekend om, maar voor 2 dagen kon ons dat niet echt deren. Per slot van
rekening hadden we vakantie, toch?
XXX |
In Hong Kong word je duizelig als je om je heen keek: zoveel hoogbouw om je heen
dat het ons benauwde. Diezelfde avond zijn we naar de punt van Kowloon (de
zuidpunt van het vaste land met China) gegaan vandaar heb je een schitterend
zicht op de skyline van Hong Hong Island. In het donker is dit een magische
lichtshow, met nog meer indrukwekkende gebouwen. De volgende dag, de enige die
we hadden, hebben we rustig door Hong Kong gelopen en van de toeristische
attracties alleen 'The Peak' bezocht vanwaar je een schitterend uitzicht hebt over het centrum van
Hong Kong en Kowloon. Langs Nathan Road gelopen en daar flink gewinkeld. Dat was geen
enkel probleem want Hong Kong is een nog grotere comsumptie maatschappij dan
Amerika. Doodmoe kwamen we 's avonds in ons hotel terug en de volgende ochtend
namen we in alle vroegte de bus naar de luchthaven. Voorin boven in de
dubbeldekker zagen we veel meer dan met de metro, zodat we een mooi afscheid van
Hong Kong konden nemen. De vlucht verliep zonder problemen en al snel waren we
weer terug bij af, terug in Bangkok.
Thailand
Aangekomen in Bangkok viel de warmte weer als een klamme deken over je heen. Op
de trottoirs zijn vele stalletjes en dat maakt het lopen met een versnelde pas
bijna onmogelijk. De lucht van de vele stalletjes drong weer diep door in je
neusgaten, zodat je er niet meer omheen kon. Bangkok... je zou bijna gaan denken
aan een thuis. Het welkom in het guesthouse was enorm warm en hartelijk. Marie
Louise had de hele middag nog om haar spullen uit te zoeken en om onze spullen
door te spitten en misschien nog wat van haar gading te vinden. Een broek werd
al direkt soldaat gemaakt, want haar eigen spijkerbroek rook iets minder
aangenaam. Wij hadden tevens de mogelijkheid om van overtollige spullen af te
geraken al was dit niet veel omdat we nog een grondige reorganisatie van onze
spullen moesten doorvoeren. Je weet dat als je samen bent, dat het moment van
afscheid nemen nadert en dit was verdomde moeilijk. Je houdt je groot, maar je
voelt je in je hart heel erg klein. Op deze momenten gieren de emoties door je
keel. Op de luchthaven was dan het moment van de waarheid. Het afscheid ging
nagenoeg zonder tranen gepaard, maar die kwamen wel toen Marie Louise door de
deur verdwenen was. Toen was het echter niet over en ook de volgende dagen had
ik nog menig 'moeilijk momentje'.
Samen waren we al tot de conclusie gekomen dat we Bangkok zo snel mogelijk
wilden verlaten, maar eerst moest er nog werkzaamheden verrichten worden aan de
motoren, deze keer aan die van Martin. We hadden het adres van een andere goede
garage gekregen en Martin liet eindelijk enkele kleine zaken aan de motor doen
die niet echt belangrijk waren maar al langere tijd op het puntenlijstje
stonden. Op woensdag brachten we de motor naar de motorshop, die gerund werd
door een Australiër en dus betrouwbaarder zou zijn dan de Thaise shops, en we
konden de motor op donderdag weer ophalen. Elke dag kwam er wel wat tussen en
uiteindelijk er maar een dag aan gespendeerd en bij de motor gebleven en
vervolgens de resterende zaken maar afgekapt en laten zitten. De prijs voor de
gedane werkzaamheden was fors en later bleek dat men niet de gevraagde
werkzaamheden verricht had maar zich er gemakkelijk van af gemaakt had. Nee, dan
liever de Thaise shops, dat duurt ook lang maar je kunt daar de boel veel beter
zelf sturen en doen en het prijskaartje is veel beter!
De helm van Martin moest ook onder handen genomen worden. Zijn rechterspeaker
deed niets meer en ook de linker haperde af en toe flink. Dit betekende dat er
af en toe geen commnucatie tussen ons beiden was en dat is altijd een slechte
zaak. De bedrading bleek kapot te zijn precies waar de kabel de helm uit kwam
met een knik. Met kunst en vliegwerk werd deze bedrading vervangen. We waren
maar wat blij met onze soldeerbout en de multimeter. Er waren echter wel de
nodige momenten, dat Martin de helm in een hoek wilde gooien aangezien het een
enorm geprutst was. Op zuke momenten deed ik het priegelwerk en samen kwamen we
steeds een stapje verder. Teamwork! Na alles getest te hebben bleek het allemaal
even super te werken en hing er wel een appel groen snoertje uit de helm, maar
het het werkte en dat was alles wat telde.
Tevens werd er, na zeer veel wikken en wegen, besloten om toch maar een computer
aan te schaffen. Dit was super voor het opslaan van onze digitale foto's en
tevens voor het uitlezen van de GPS. Voor de verslagen hoefden we de computer
niet te gebruiken want daar hebben we onze Psions voor die veel handzamer zijn.
Helaas zijn ze niet meer in produktie dus als ze de geest geven (en dat doen ze
nog wel eens) hebben we een probleem. Ook deze reden speelde wel mee. Wel hadden
we gehoord dat computers in Kuala Lumpur iets goedkoper zou zijn maar toch
besloten er hier al één te kopen.
De tijd om te vertrekken kwam dichterbij, we hadden ook genoeg van Bangkok. Onze
kamer (zweetkamertje en sauna) was een waar slagschip en je waande je op de set
van de film: "Muiterij op de Bounty". Alle bagage moest opnieuw ingedeeld worden
maar eerlijk gezegd konden we er de rust niet voor opbrengen omdat we eigenlijk
maar één ding wilden en dat was: WEG uit Bangkok. Dus werd alles lukraak ergens
weggeborgen zodat we maar vertrekken konden. Bangkok uitrijden is niet exact de
meest relaxte manier om de eerste kilometers op je eigen motor af te leggen. Dus
wilden we het drukke verkeer mijden door vroeg te vertrekken. De volgende morgen
ging dus om 5 uur al de wekker af. Geen tijd om na te denken, want ik kon maar
aan één ding denken en dat was wel zo snel mogelijk Bangkok uit. In ieder geval
voordat de pleuris uitbrak. Het verkeer is normaal gesproken net een mierennest.
Ik zag mijzelf zo voor de eerste keer er niet feilloos doorheen maneouvreren met
al die bagage achterop. Toen we dan 3 kwartier later de stad uit reden bleek het
enorm mee te vallen, het meeste verkeer kwam de stad in rijden en ons dus
tegemoet. Als een echte acrobaat deed ik precies wat er van mij gevraagd werd.
Dat kwam ook wel omdat Martin bij mij was. Het was koel toen we vertrokken maar
de brandende zon liet zich al snel zien. We reden relaxt met de nodige stops
zodat het goed uit te houden was.We reden tot Bang Saphon en dit was 402 km ten
zuiden van Bangkok, niet gek voor een eerste dagje op je motor. We hadden hier
al eerder een nacht doorgebracht. Het zijn bungalows op nog geen 20 meter van de
zee. Langs het strand staat zo'n houten picknick tafel waar je een flinke houten
kont van krijgt. Het zachte witte zand, het kabbelen van de golven en het geruis
van de zee terwijl je met een ondergaande zon in je dagboek schrijft doen je
beseffen, dat dit echt genieten is. Er was een nacht verstreken en Martin had
een geïrriteerd rechteroog. Het leek ons beter om een rustdag in te lassen,
welke voor ons beiden niet slecht voor ons zou zijn. We hadden dan tevens de
tijd om de foto's op onze computer uit te zoeken, te sorteren en te voorzien van
commentaar.
De volgende morgen zag de wereld er somber uit. Wie zegt dat geluk een moment
opname is, heeft gelijk. Het tegendeel bleek waar te zijn. Martin had
geconstateerd, dat de twee zijtassen over de tank waren los gesneden en waren
verdwenen. Helaas dacht een onverlaat dat hij de tassen harder nodig had dan
wij. Balen aangezien de rechter tas helemaal niet afgesloten was en men er alles
zo uit had kunnen nemen, hoofdzakelijk levensmiddelen als suiker, jam e.d.. De
linker tas was wel afgesloten omdat hier de zender in zat. De bedradingen was
gewoon doorgeknipt. Niemand heeft wat aan één zender en wij dus ook niet. De
waterzak was ook pleitte, maar hier had ik Martin al menig maal voor
gewaarschuwd en dat kon ik hem nu lekker inwrijven. Erger was het feit, dat we
die dag nog 572 km moesten rijden, mijn tweede dag op mijn motor en door de
bergen, etc, etc. Iets waar je in Nederland niet voor opgeleid wordt. Omdat we
al zo vroeg op pad waren en het met 40graden celsius en een hoge
luchtvochtigheid inspannend rijden is, kun je je er wel wat bij voorstellen hoe
zeer ik nu de intercom miste. De gehele weg reed ik voor Martin uit en op
momenten dat er van richting moest worden veranderd schoot Martin als een
torpedo langs me heen om mij de juiste weg in te leiden. Ik heb het
oriënteringsvermogen van een aardappel en zelfs een GPS op het stuur kon daar
geen verandering in brengen. Elke keer vroeg ik Martin: "Mart, waar zitten we
precies?" en zijn antwoord dan: "Je hebt toch een GPS op je stuur!"
XXX |
In de bergen lag er, vooral in de bochten, hopen grind en daar kwam bij dat het
was begonnen te regenen. Er was een stukje off-road weg en de kont van mijn
motor glibberde echt onder me. Zo krijg je vanzelf stalen zenuwen is Martin zijn
motto! En er was niemand die me er doorheen kon praten. Ik moest het zelf doen.
Hondsmoe kwamen we in Ao Nang aan waar ons een overweldigend welkom wachtte. Het
was een half jaar geleden dat we daar geweest waren en we hadden nooit gedacht
zo lang in Thailand en omstreken te verblijven. The Laughing Gecko is echt basic
en het brengt je heel dicht bij de natuur en dus krijg je er veel biologie
lessen. Les 1: Hard gillen als je een spin ziet (een knoeperd, echt waar!) Les
2: de spin is sneller dan Martin, dus
moesten we er noodgedwongen maar een huisdier van maken. Dit betekende wel extra
werkzaamheden voor Martin die b.v. telkens mijn motorjas moest controleren voor
dat ik hem aan wilde trekken. Het was verbazingwekkend hoe de hutjes in 6
maanden achteruit gegaan waren door het gebrek aan onderhoud. Alles was smerig
en er zaten gaten in het muskietennet. Hierdoor hadden we de hele nacht last van
muggen en zandvlooien. Dit was niet leuk en we werden aardig geterroriseerd.
Andere gasten hadden al een andere bungalow toegewezen gekregen omdat het dak
lekte. Het zijn al deze kleine zaken die je reisgevoel aardig kunnen verzieken.
Toevallig de dag ervoor nog het reisverslag van Marloes en Pieter Maarten
gelezen. Je gaat dan slapen met het gevoel dat je het altijd nog slechter had
kunnen treffen. Bungalows van bamboe zijn erg gehorig. Dit was te merken aan de
(goede) vrijpartij van de buren. Aan gekreun geen gebrek. Heel discreet ze op de
gehorigheid van de hutten gewezen. Onze muzikale (kreun)buren hadden ook hun
geluidsboxen op de Discman aangesloten en van 23:45 uur tot 02:00 uur stond
Tracy Chapman op repeat, wat je op zo'n moment echt je strot uit komt. Even een
stille hint en dan hoor je "Sorry!". Maar nog geen uur later hetzelfde,
potverdorrie wat zijn die lui hardleers. Het bed maar weer uit en weer was het
antwoord "Sorry!". Martin kon het niet nalaten een trap na te geven en zei: "Dat
zei je de vorige keer ook al!". Bijna niet geslapen, Oh what a night!
Martin was de volgende dag jarig en had vooraf reeds gevraagd om er geen
'poppenkast' van te maken. Ik had wel zin in een feestje en als er iemand niet
in de belangstelling wilt staan is het Martin, maar we hadden alles goed
geregeld. Er was een taart besteld en ik had iedereen ingelicht. Het was party
time! Een mens wikt, maar het lot beschikt. Martin had enkele dagen tevoren een
enorme diarree gehad waarbij hij niets binnen liet. Na een rustdag op bed dacht
hij dat hij wel hersteld was van een buikgriep of een voedselvergiftiging, maar
de nacht voor zijn verjaardag hadden we de hele nacht geen toilet juffrouw
nodig. "Bezet" stond er bijna de hele nacht boven de deur. Tot overmaat van ramp
ging de Psion van Martin kapot. Een verjaardag in bed en een kapotte Psion, wat
kan er nog meer bij? We verlangden allebei naar huis en deze feestdag even flink
lopen janken. Dat lucht even een partij op. Wie zegt, dat reizen altijd
makkelijk is die heeft het mis. Op zulke momenten gaat er steeds meer kapot en
de multimeter gaf de geest op het moment dat hij echt nodig was, want de
afstandbediening van het alarm van de motor van Martin had ook al de geest
gegeven. Gelukkig wist onze techneut uiteindelijk uit beiden weer muziek te
halen, ware het dat de goden iets minder blij waren met zijn woordkeuze. We
kregen het gevoel dat we erg negatief waren, maar we hadden weer niet goed
geslapen. We hadden besloten de hut helemaal binnenste buiten te keren aangezien
we het idee hadden dat ongeoorloofde huidieren onze klamboe bezochten terwijl
wij lagen te slapen. Ze zorgden ervoor dat we de gekste houdingen aannamen om te
krabbelen, want we vergingen van de jeuk als zij langs geweest waren. Er zaten
zandvlooien! Als het niet de geluidsboxen van de buren of de disco's verderop
waren, dan was dit toch wel drie keer zo erg. We kozen eieren voor ons geld.
Enkele dagen eerder, op weg naar Krabi, had ik een leuk hotelletje gezien. Je
kunt wel blijven klagen, maar daar verander je niets mee. Als je zelf wat aan de
situatie kunt doen als je er niet gelukkig mee bent moet je dat niet nalaten. We
verhuisden zeven kilometer van onze vorige lokatie. Het was een heel ander
onderkomen: een eigen bungalow en alles was nog nieuw. De rust die er heerste
was super. Het leek op het paradijs en het feit dat het zwembad in onderhoud was
deed daar iets aan af. We hadden een apart toilet en moesten telkens bedenken of
we naar het toilet of de douche wilden; heel verwarrend! Wat belangrijk voor was
was het heerlijk bed met een nieuw matras, heerlijke schone en wit gestreken
lakens en een tafeltje met twee stoelen. Ruimte om je kleding op te hangen en
niet te vergeten een douche waar warm (en vooral 'SCHOON') water uit kwam. Is me
dit toch een partij verwennerij!! En we hadden dan ook geen moeite om hier
langer te blijven dan gepland.
XXX |
De dagen stonden in het teken van het onderhoud aan de motoren. De R1100GS moest
een grote beurt hebben en de F650GS van mij had een
eerste 1000 km-beurt nodig. Het meeste konden we zelf doen bij het hotel. Voor
Martins motor was alles routine maar voor mijn motor was alles nieuw en werd dus
het boek ter hand genomen (waarbij de duitstalige versie niet het meest ideaal
bleek) maar eigenlijk viel het allemaal wel mee. Voor nood hadden we het adresje
van Tjop in Krabi achter de hand. Een gouden gozer en voor ons een ideale
werkplek om te sleutelen aan de motoren. Bij Martin moesten er enkele kleine
dingen gedaan worden en bij de mijne moest de klepspeling gecontroleerd worden.
Bij de R1100GS is dit een peuleschil maar mijn motor moest half door Tjop en
Martin gesloopt worden om vervolgens tot de ontdekking te komen dat de
klepspeling correct is en alles weer in elkaar gezet kon worden. Maar nu de
motor toch open lag hebben we direct de kans gegrepen om de 25 kW begrenzer uit
de motor te halen. Deze was noodzakelijk om de motor van mij met mijn rijbewijs
in overeenstemming te laten zijn maar dat geldt (ons inziens) niet aan de andere
kant van de wereld. Ik merkte dat er weinig power aanwezig was, vooral tijdens
het inhalen. Het was alleen een zaak van het anders aansluiten van de gaskabel
dus was het snel verholpen en zat de motor weer in elkaar. Nu waren beide
motoren weer helemaal in top conditie om de volgende etappe van 10.000 km
probleemloos door te komen. Wel nog even het in het handboek vermelde
afsluitende testritje ter eindcontrole. Monteur Rooiman himself moest voor de
testrit het pand verlaten. Hij opende de gashendel en liet een dikke zwarte
rookwolk achter om als een torpedo er vandoor te schieten. Wow, wat een gaaf
gezicht. Na een klein rondje kwam hij met een stralend gezicht terug en zijn
definitief oordeel was duidelijk. Nu was het mijn beurt en... WWWOOOWWW!!! Even
voor Ruud en de Doc (die Alexander toch):
niet_meer_geknepen@dus_poepie_snel.wow.
We moesten nu naar huis en het regende, dus voorzichtig aan. Ruud mocht graag
tegen mij zeggen dat dingen bij mij tussen de oren zaten. Misschien zat er op
het bewuste moment van het allemaal zelf doen wel heel veel tussen de oren.
Rustig aan gedaan en toen we terug waren bij ons guesthouse nam ik met mij
rechterkoffer de tuinstoel bijna achterop. Nu had ik me in de regen ook al
vergist wat betreft de omvang van de koffers, want bijna werd Tjop ook al van de
sokken gereden toen ik vol trots naar binnen reed. Bij mijn motor zijn de
koffers namelijk breder dan het stuur. Bij Martin zijn motor is dit niet het
geval en als zijn stuur erdoor kan, dan is de rest ook geen probleem. We waren
echter niet altijd druk bezig. Af en toe konden we ook nog een momentje vinden
om een boek te lezen. Ik heb het boek "Ebbenhout" uitgelezen dat zich afspeelt
in Afrika. Over hitte gesproken! Wij mopperen wel eens als het 40 à 45 graden
celsius is en de hitte als een klamme deken over je heen ligt. In het boek
beschrijft de schrijver Afrika, en als ik denk aan de rode duizendpoten en de
kakkerlakken op dit continent en me bedenk dat het daar 10 keer zo erg is. Het
is het is net zo'n boek als "Ik droomde van Afrika". De schrijvers nemen je mee
en hier kun je je fantasie pas echt goed zijn werk laten doen. Je wordt
meegenomen naar een wereld waardoor je beseft, dat anderen het veel en veel
minder hebben.
Ons nieuwe onderkomen begon een beetje op Fawlty Towers te lijken en was met
recht een hotel op stelten. De eigenaar kreeg problemen met de Thaise
authoriteiten en de politie deed zelfs een inval. Wij maakten dit niet mee
aangezien we op dat moment met de motoren in Krabi bezig waren. Enkele dagen
later werd de grond zo heet onder zijn voeten dat zijn advocaat hem aanraadde om
enkele dagen onder te duiken. Dus ineens waren wij kasteelheer en kasteeldame
met een hele burcht ter beschikking. We moesten zelf ons eten klaar maken al
konden we wel de keuken en de goed gevulde koelkast hier voor gebruiken. Ook
Mimi, de poes, was blij met onze aanwezigheid. Inhoudelijk bemoeiden we ons
helemaal niet met de zaak en was onze naam haas. Alleen hebben we enkele kleren
voor de 'onderduikers' verzameld en die elders bij een winkel afgegeven. Ook
wilden we de volgende dag vertrekken en hoe moesten we nu betalen? Het geld
konden we gewoon aan de tuinman afgeven en bovendien mochten we 20% van de
totaalprijs af trekken voor al het ongemak. We waren weer lang genoeg in Ao Nang
maar de rust om aan het reisverslag te werken bleef uit, mede omdat de
omstandigheden er ook niet naar waren. De motoren waren nu beiden weer in
topconditie dus besloten we verder te reizen. We reden naar Songkhla en reden
langs de kust. Er was een binnenzee waar je over een mooie weg langs deze
binnenzee kon rijden, heerlijk weg van het verkeer van de hoofdweg. De weg
eindigde bij een schiereiland waar je schitterend een rondje rijden kon. We
genoten dan ook volop. De problemen ontstonden toen we binnendoor terug wilden
rijden naar de hoofdweg. Eenvoudig met een GPS, doch de vele kanalen
verhinderden onze een rechtlijnige doortocht. We kwamen dan ook aan het dwalen
en de asfaltwegen veranderden in zandwegen. We moesten door diepe kuilen vol
water en dus werd ik noodgedwongen direct ingewijd in de geheimen van het
off-road rijden. Zonder problemen kwamen we er door heen al waren onze motoren
nu wel enorm smerig geworden.
XXX |
Martin was al eerder in Songkhla geweest en we verbleven in het Amsterdam
Guesthouse, welke door Paula, een vrouw van de wereld en een echte Amsterdamse,
wordt gerund. Naast het Guesthouse is een
restaurant en daar maakten wij kennis met Hubert. Een leuke vent met bijzonder
veel gevoel voor humor en hij bleek ook nog uit Amersfoort te komen. Het
guesthouse was een echt verzamelplekje van allerlei mensen van Nederlandse
afkomst en terwijl we zitten bij te komen genieten we van een wat oudere man met
een slokkie te veel op die een ieder ongevraagd liet mee genieten van zijn
mening. Toen hij nog druk doende was met zijn betoog liep Hubert langs onze
tafel en zei: "Die draait zijn favoriete grammofoon weer af". We lagen in een
deuk. Niets mooier dan mensen! Paula was net de dag er voor uit Nederland terug
gekomen en had dus lekker wat kranten en tijdschriften mee genomen. Heerlijk om
weer eens wat onspannen lectuur te kunnen lezen. Het hoofdthema was de net
gehouden verkiezingen en de moord op Pim Fortuyn, we waren dus weer helemaal op
de hoogte van de ontwikkelingen in Nederland. We hadden besloten om twee dagen
in Songkhla te blijven. Ik voelde me niet zo lekker en had een vervelende hoofdpijn. 's
Nachts ook last van duizelingen en die waren verdomd lastig als je naar het
toilet moet en dit zich ergens op de gang bevond. Nood breekt wetten, dus mijn
bikkel wakker gemaakt en onder begeleiding naar het toilet. Je wilt niet lastig
zijn, maar je kan niets innemen, want je maag is van slag dus je moet wel wat!
Hiervoor hebben we ons magisch waslapje, dit gebruiken we dit voor alles en nog
wat. Het is gewoon een rood badstof lapje en het was het eerste luxe artikel
ooit gekocht toen we nog samen op één motor aan het reizen waren. Er werd goed
voor me gezorgd: mijn bikkel zorgde er voor dat het rode lapje regelmatig met
koud water doordrenkt op mijn gezicht gelegd werd.
De volgende morgen werden we door Leen uitgenodigd om bij hem thuis te komen
koffie drinken. Deze man woonde al 42 jaar in Thailand. Nu hij gepensioneerd is
zorgt hij tesamen met zijn vrouw voor heel veel zwerfdieren. Zo hadden zij
momenteel de zorg voor een aap en 15 honden. De hele stad weet inmiddels van
Leens dierenliefde af en regelmatig komt men hem dan ook een verwaarloosd dier
brengen. Toen men ooit eens met een olifant van twee jaar aan kwam zetten ging
dit Leen toch te ver. Hij had dan wel een grote tuin maar zelfs een kleine
olifant zou binnen enkele dagen de hele tuin kaal gevreten hebben. We werden
meegenomen door zijn huis en middels foto's werden we meegenomen door zijn
leven. Het is niet alles goud wat er blinkt. Met deze woorden namen wij afscheid
van Songkhla. Het werd tijd om Thailand definitief te verlaten. Na 10 maanden af
en aan in Thailand werd het wel tijd om verder te reizen en nieuwe landen te
gaan ontdekken. Het toetje van Thailand was schitterend. Door de heuvels reden
we over bochtige wegen naar de grens met Maleisië. We reden tot de grensplaats
Betong en brachten de nacht door in een hotel wat in eerste instantie niets
leek. De mensen waren echter zo hartverwarmend en de motoren mochten naast het
huistempeltje van Buddha geplaatst worden, dus daar kon niets mee gebeuren. De
kamers bleken zelfs airco te hebben en dus werden we flink verwend. Het was
enorm warm weer en door de hitte en mijn hoofdpijnen sliep ik slecht.
De volgende dag hadden we nog 7 km te gaan voor we de grens met Maleisië over
zouden gaan. We reden Betong uit en over overdrevenheid gesproken. Er was heel
weinig verkeer, maar de wegen waren wel vierbaans. De formaliteiten waren
peanuts aan de Thaise grens. Onze witte formulieren werden ingeleverd en onze
motoren verlieten probleemloos het land. Het was een gedenkwaardig moment
aangezien het de eerste keer was dat we met twee motoren de grens over gingen.
De feestvreugde werd nog verhoogd doordat Martin enkele dagen geleden de 100.000
km (80.000 km op deze reis) gepasseerd was en tevens twee jaar onderweg was.
Maleisië
Het was een heel avontuur om de grens met Maleisië over te gaan. Ik parkeerde
mijn motor zo pontificaal midden op de weg dat er met vakmanschap langsheen
gereden moest worden. Aangezien Martin niet zo'n hoge dunk had van de lokale
rijkwaliteiten vroeg hij mij om mijn motor dichter langs de railing te parkeren.
Allereerst gingen we het stempel in onze paspoorten halen. De beambte aan de
balie delegeerde ons naar een tafel om onze formulieren in te vullen. Lekker
invullen als je geen pen bij je hebt. Bij de gratie en belofte van teruggave gaf
hij mij een pen te leen. Martin had gelezen dat ze je standaard 30 dagen gaven
maar als je er om vroeg konden men je 60 dagen in Maleisië geven. Toen Martin de
man om een 60 dagen visum vroeg antwoordde de man: "Ik geef je geen 60 dagen,
maar 90 dagen!" Onze eerste reactie was: "Wat moeten wij in hemelsnaam 90 dagen
in Maleisië doen?" (dat zullen jullie snel genoeg weten als jullie verder
lezen). We maakten er echter geen woorden aan vuil en kregen een 90 dagen
stempel. Vervolgens op naar de Douane. Martin liet de Carnets zien en vroeg of
deze gestempeld konden worden. De douanebeambte hadden géén kaas van Carnet de
Passage's gegeten en keken ons aan alsof hij het witte garen nog moest
uitvinden. We werden verwezen naar het opperhoofd, die een paar meter terug in
zijn paleisje zat te nietsen. De deur en ramen stonden (uitnodigend) wagenwijd
open. Er stonden slippers voor de deur maar wij hadden geen zin om onze
wandelschoenen uit te trekken en liepen naar binnen. Direct werden we op onze
overtreding gewezen en aangezien we wat van deze man gedaan moesten krijgen
hebben we onze schoenen toch maar bij de deur uit getrokken. De Carnets kwamen
op het bureau en zonder er naar te kijken vroeg hij of we een Maleisische
(WA-)verzekering hadden. "Nou nee, maar als u ons zegt waar we die af kunnen
sluiten dan halen we er direct één". Dat bleek aan de grens niet mogelijk te
zijn en er werd vervolgens driftig getelefoneerd en uiteindelijk kwam uit de bus
dat ons Carnet tevens onze verzekering was. Wij geloofden dit niet echt maar het
probleem was in ieder geval afgehandeld. "Hoe hebben jullie dat dan gedaan met
jullie verzekering voor Thailand?" wilde hij vervolgens weten. "Nou we hadden er
eenvoudig geen nodig". Wat we in Thailand hadden gedaan was volgens ons niet
zijn zaak. De volgende vraag was: "Waar gaan jullie heen?" Tsja, we wilden
gewoon wat door Maleisië rondrijden. "Maar waar gaan jullie vervolgens heen?"
Volgens ons ging dat hem geen reet aan, maar oke: "We zijn op weg naar
Singapore". Hij liep naar de kaart en wees aan dat we dan via Ipoh moesten
rijden. Toen wij aangaven om eerst naar Penang te reizen, deelde hij ons mede,
dat dat helemaal de verkeerde richting op was en dat we toch echt via Ipoh
moesten rijden. Die weg ging volgens hem richting Singapore. We zeiden nu
slechts 'Ja en Amen' en we konden weer terug naar onze eerste beambtes om de
Carnets te laten stempelen. Wat waar ingevuld moest worden e.d. hadden ze beiden
geen kaas van gegeten maar daar had Martin inmiddels grote ervaring in
opgebouwd. Met een handdruk namen we uiteindelijk afscheid en konden we Maleisië
binnen rijden.
De eerste dagen in een nieuw land is altijd even wennen. De wegen en
verkeersregels mogen dan (nagenoeg) hetzelfde zijn, het verschil zit vaak in de
ongeschreven regels die de weggebruikers er op na houden en dat betekent dat je
zeer alert moet zijn. We gaan er altijd van uit dat anderen niet kunnen
anticiperen en het rijgedrag van een aardappel hebben. (En verbazingwekkend vaak
blijkt dat ook zo te zijn). In Maleisië houden ze wel van gehaktdag, want
regelmatig werden we gesneden op het moment, dat zo'n nasibal een
zelfmoordpoging ondernam met een inhaalmaneouvre. We waren er op voorbereid en
maakten de weg al vrij. Probleem is ook dat hier brommertjes langs de zijkant
van de weg rijden en als wij dan midden op de rijstrook rijden dan vindt menig
automobilist dit 'niet leuk' en laat dat dan ook weten middels een
snij-maneouvre. Maar als je dit eenmaal weet ben je er op voorbereid en is er
verder weinig aan de hand.
De natuur is hier heel anders dan in Thailand en je ziet een heel andere
vegetatie. Natuurlijk veel klapperbomen en prachtige palmen. De wegen zijn
(zeer) goed en het is net iets geciviliseerder dan in Thailand. De mensen
spreken over het algemeen goed Engels (voordeel van een oude Engelse kolonie) en
zijn behulpzaam en vriendelijk. De bevolking bestaat uit Maleiërs, Chinezen en
Indiërs. Deze volkeren hebben zich gemengd door de loop van de eeuwen heen. Een
groot deel van de mensen zijn Moslim. Dit betekent veel gesluierde vrouwen, maar
zij nemen wel actief deel in het maatschappeljke leven. Heel anders dan in
Pakistan bijvoorbeeld waar de vrouwen een afgeschermd leven leiden. Juist
vanwege het 'hoge Moslim gehalte' in dit land hadden we er vooraf diverse
negatieve verhalen over Maleisië gehoord maar het tegendeel bleek waar te zijn.
We merkten helemaal niets van enige negatieve gevoelens jegens westerlingen. Het
is een zeer tolerante samenleving, juist doordat er zoveel verschillende groepen
naast elkaar leven.
Onze eerste dag in Maleisië eindigde in Georgetown wat eens een Britse
nederzetting is geweest op het eiand Penang. Het eiland is bereikbaar per
veerboot of via een brug (de langste in Zuid-oost Azië). Uiteraard kozen wij,
als rechtgeaarde motorrijders, voor de brug. Terwijl we de brug over reden
genoten we van het wijdse uitzicht en deed ons het eiland veel aan Hong Kong
denken: overal hoogbouw. Toen we Georgetown in reden werd dit nog meer bevestigd
door de vele reclameborden en een levendige bedrijvigheid op straat. Ik scheet
wel een paar peultjes in het verkeer, want deze drukte was ik nog niet gewend om
per motor aan te gaan. Bovendien hadden we geen intercom en behalve op het
verkeer moest ik goed op Martin letten welke kant hij op verdween, want het was
nu echt "Follow the leader". Mijn GPS? Nou, die vergat ik maar even; absoluut
geen tijd voor! Want je krijgt echt stalen zenuwen als iedereen om, langs (en
het liefst door) je heen crosst. Bovendien werd ik deze dag nog steeds
geteisterd door een vervelende hoofdpijn, welke al drie dagen hoogtij vierde.
Aangekomen bij het hotel vond ik alles best en had ik geen enkele noot meer op
mijn zang. We hadden een basic kamer maar wel met een eigen douche, en het
toilet vlakbij op de gang. Wij waren erg moe en waren gesloopt. Niets lekkerder
dan om een dutje te doen voor wij ons weer gingen verdiepen in een andere
cultuur. Op de één of andere manier ontmoetten wij achter elkaar interessante
mensen. In het hotel kwamen we Serdi tegen. Hij was van Turkse afkomst en net
zo'n avonturier als wij. Staat heel realitisch in het leven en zocht dezelfde
dingen als wij tijdens het reizen en probeerde enigszins de gebaande
toeristische paden te verlaten. Hij had twee maanden door Australië gezworven
met een auto, welke hij daar had gekocht en gerepareerd en hij had veel
zweverige mensen ontmoet nagenoeg zonder geld op zoek naar...... "Het grote
geluk". Volgens ons hoef je hiervoor niet op reis naar exotische oorden en moet
je het in jezelf zoeken.
XXX |
In Georgetown zitten veel Chinezen en
ons hotel bevonden zich in het hartje van 'Chinatown'. De teksten waren overal
weergegeven in het Chinees. Wel leuk maar toch was ook Georgetown weer een stad
zoals vele anderen en wilden wij er niet al te lang blijven hangen. Martins
achterband liep echter langzaam leeg. Het bleek dat de oude plug die er in
Thailand in gegaan was niet goed afdichtte. Verder moesten zijn remblokken
vervangen worden en aangezien er geen overkapping was zat hij in de brandende
zon te werken. Met temperaturen over de 35 graden celsius was het geen wonder
dat hij een rode huid kreeg. Maar de werkzaamheden werden succesvol afgerond en
dat was het belangrijkste. Ik voelde mij nog steeds niet in orde en had al vier
dagen hoofdpijn. Het was zondag dus zijn we direct maar naar de EHBO van het
ziekenhuis gereden, want ik had niet meer de regie over mijn eigen leven. We
betaalden 2 Ringit (€ 0,60) voor de inschrijving bij het General Hospital en
vervolgens werden we naar de polikliniek doorverwezen. Daar stak de dokter
gelijk de thermometer onder mijn tong, mijn bloeddruk werd gemeten wat vragen
moesten beantwoord worden en het resultaat was enkele paardemiddellen voor
komende dagen. Verdere kosten waren er niet en alle kosten inclusief consult en
medicijnen was dus € 0,60. Hoe ga ik dit in hemelsnaam declareren bij mijn
ziektekosten verzekeraar zonder dat daar iedereen in de lach schiet? Dit was van
latere zorg (de rekening verdwijnt trouwens lekker in ons plakboek). De
paardemiddellen werkten echt, want de volgende dag voelde ik me al weer
kip-lekker en heb ook later er geen last meer van gehad. Al sinds Pakistan reed
Martin zonder WA-verzekering rond en ook in Maleisië was dit niet een probleem
maar wel in Singapore waar we ook heen wilden. We hadden gehoord dat een
verzekering voor Singapore aan de grens te verkrijgen was maar dat deze alleen
boven op de Maleisische verzekering te verkrijgen was. Dus hadden we een
verzekering in Maleisië nodig. Na wat rondvragen vonden we uiteindelijk een
verzekeringsmaatschappij. De verzekering was met 220 Ringit (€ 70,=) voor 2
maanden per motor niet goedkoop maar echt veel keuze hadden we niet. Onze
verzekeringsagent was heel erg vriendelijk en hij gaf ons nog tips welke dingen
we in zijn land echt moesten gaan bezichtigen.
's Middags pakten we mijn motor om het eiland via alle windstreken verkennen, ik
had nu eindelijk weer de kans om lekker achterop bij mijn bikkel te gaan zitten.
Wanneer je langs de kust Georgetown uit rijdt passeer je vele Beach resorts met
zijn hoogbouw. Het is er een drukte van jewelste, maar eenmaal voorbij de
resorts overvalt je een oase van rust en kan het echte genieten beginnen. De weg
wordt dan bochtig en de omgeving tropisch, heuvelachtig met overal jungle. De
weg slingerde door de heuvels van waar je een schitterend uitzicht had over de
laagvlakte naar de kust, de kustlijn en de vissersdorpjes. Regelmatig stopten we
dan ook langs de weg om te genieten. We waren niet de enige die dit idee op
hadden gevat want regelmatig zagen we eenzelfde stel tegen op een lokaal
brommertje. In het zuidwesten van het eiland Penang hield de weg op en ging over
in een privé weg. Deze weg slingerde schitterend langs de kust en bleek te
eindigen bij privé resort met een strandje waar je je vingers bij aflikte.
Idillisch en romantisch tegelijk. We genoten van de golven die het strand oprolden en van de rust
die er van uitging. We hebben daar ons een tijdje stil gehouden om zonder
woorden de schoonheid van het geheel op ons in te laten werken. De rit over het
eiland was super en de dag vloog voorbij. Tijdens een persoonlijke tankstop
(blijven drinken in die hitte!) zagen we een ananas plant staan. We hadden geen
idee hoe zo'n vrucht groeide, maar zeker niet zo! Een echte high-light zou volgens de gids een Buddistische tempel
moeten zijn maar onze buik zat vol van tempels dus reden we langs de tempel de
schitterende weg verder de bergen in, geen idee hebbende waar we eigenlijk heen
reden. Dat bleek dus de dam van een stuwmeer te zijn. Daar genoten van de rust
en het uitzicht.
Terug in de hektiek van Georgetown zijn we voor de zonsondergang naar het water
gelopen, langs de boulevard. Hier zie je hele grote koloniale panden die goed
onderhouden zijn en dus een streling zijn voor het oog. Nu omgetoverd tot musea
(dus voor een ieder toegankelijk) of kantoorpanden. De zon was onder gegaan en
de rode lucht was als een parel zichtbaar voor een ieder die het zien wilde. We
zagen ineens het stel op het brommertje die we vandaag al veel vaker gezien
hadden en raakten in gesprek. Het waren (Engelsman) Colin en (Belgische) Nadine
te zijn die ons verbaasd deden staan. Wij dachten altijd dat wij gek waren door
per motor de wereld te bereizen. We wisten niet wat we hoorden toen zij ons
vertelden dat zij met hun zelf gebouwd mini vliegtuig, waar ze samen 5 jaar aan
gewerkt hadden, onderweg waren van Engeland naar Australië. Het waren zulke
eenvoudige, sympathieke mensen, en echte pioniers. Hun belevenissen waren echt
uniek. Zo hadden ze in Turkije problemen gehad om weer bij hun vliegtuig te
komen alleen doordat ze geen piloten uniformen droegen (inmiddels hebben ze dit,
compleet met strepen, na laten maken) en elke keer staat men op ambassades met
hun oren te klapperen als ze niet alleen voor hun visum komen (Geen probleem!)
maar ook een landingsvergunning (WAT?!?!) willen hebben. Zij waren op weg naar
Australië en hadden nog twee maanden om daar te komen maar ze hadden haast
aangezien het regenseizoen, met het bijbehorende vele slechte weer, in aantocht
was. We waren erg onder de indruk van deze twee mensen. Ze hadden hun ups en
downs, hun angsten en hun dromen maar ze hadden toch de moed om deze te
realiseren! Hun website is:
https://fly.to/worldtour alleen verontschuldigden ze zich dat ze nogal achter
liepen met de reisverslagen, maar de website geeft zeker een aardig idee van de
enorme omvang van hun project.
XXX |
De volgende morgen vertrokken wij
richting de oostkust van Maleisië, naar Kota Bahru via Highway 4 die, na wij
vernomen hadden, een absolute must was. Als je veel geluk had kon je hier wilde
olifanten de weg over zien steken. Nadat we Georgetown uit waren gereden, en
zonder veel problemen weer de brug naar het vaste land hadden gevonden, reden we
eerst 70 kilometer over de snelweg. Via allerlei binnendoor weggetjes dwaalden
we door een bergachtig landschap met jungle dat als een muur om ons heen lag.
We wilden nog een leuke foto voor de website maken, dus lag
Martin al snel op de grond om de camera te in te stellen, overigens met gewenst
resultaat. We waren net bezig om de helmen en handschoenen weer aan te trekken
toen er op nog geen 5 meter bij Martin vandaan een cobra achter een hagedis aan
ging en over de weg kronkelde. Geschrokken van Martins enorme schoenen op de weg
vergaten ze beide hun onderlinge problemen, kozen ze eieren voor hun geld en
kronkelden ze zich een weg terug de berm in. Het was heel fascinerend om te zien
maar toch werd ik ook gewaarschuwd: voorlopig hoef ik hier niet meer te
kamperen. Een eindje verderop zag ik langs de kant van de weg een leguaan die zo
groot was, dat het net leek of Steven Spielberg hier bezig was met de opname van
een nieuwe 'Jurassic Park' film. De tong van het beest was zo lang. Dit reptiel
was fascinerend en tegelijkertijd zo griezelig. Het was een knoeperd van meer
dan een meter groot en vrij hoog. BBBRRRR!
Rond de klok van half drie kwamen we aan in een klein plaatsje en stopten om
even te rusten en wat te drinken. Eenmaal gestopt beviel er de sfeer (heel
gemoedelijk) ons direct en toen we een hotel zagen wisten we het wel. We hadden
genoeg op de teller om ons voor vandaag voldaan te voelen. We besloten om hier
te blijven en de mensen waren zo hartelijk en vriendelijk, dat we ons hier enorm
thuis voelden. Het hotel was een waar thuis voor ons. Ook wel luxe, want we
hadden er TV, airco, warm water, onze eigen badkamer en het was er erg schoon en
rustig. Vanuit ons raam hadden we uitzicht op de bergen. De omgeving was enorm
mooi en we besloten om vanuit Gerik (ons plekje) een dagtochtje naar Banding
maken. Er was daar een stuwmeer en het deed mij er heel erg aan Canada terug
denken. Zo'n enorm gevoel van ruimte, schoonheid en de sereniteit van alles wat
je zelfs met een foto niet kunt weergeven. Het doet je bijna denken dat je in
een boek zit. We hoorden trouwens nog een mooie uitdrukking: "De wereld is als
een boek, degene die niet reist, leest alleen maar een pagina", dus wat dat
betreft zaten we midden in een spannend boek. We waren op de weg terug naar
Gerik even gestopt voor een drankje toen wij in vloeiend Nederlands door een
man, (die eruit zag als een Moslim) gevraagd werden of we helemaal uit Nederland
waren komen rijden op de motor. Zijn mond viel vervolgens open en we schatten
hem rond 50 en hij had zelf net een nieuwe BMW R1150RT. Hij zou het zelf nooit
durven wat wij deden. Het was een erg leuk en geanimeerd gesprek dat abrupt werd
afgebroken toen zijn bus wilde vertrekken en hij moest hollen. Toen de bus
wegreed bleek deze afgeladen te zijn met 45-plussers die naar ons zwaaiden alsof
ze op een schoolreisje waren. We wisten helemaal niets van deze man, maar het
was zo hartverwarmend. Dit vergeet je nooit meer! Even verderop namen we een
afslag, een kleine privéweg in die naar de stuwdam bij Temengor leidde. Deze weg
werd nagenoeg niet bereden en was dus een waar genot voor ons. We zagen er een
kleine slang, zwart van kleur, dood op de weg liggen. Gelukkig maar voor ons,
want het bleek achteraf een supergiftige te zijn. We zagen koeien langs de weg
en Martin heeft altijd het geluk dat hij perfect weet hoe door zo'n sappige
koeienvlaai te rijden. Althans het zou niet de eerste keer zijn. De eerste keer
dat hem dit overkwam was in Cambodja en toen had hij zijn sandalen aan. Deze
keer droeg hij zijn kisten en een ezel stoot zich in het gemeen niet twee keer
aan dezelfde steen. Als heel geïnteresseerde biologen reden we verder. De
vlaaien op de weg waren wel erg groot voor een koe. "Martin" hoorde ik mijzelf
zeggen, "Dit zijn olifantendrollen!" Hier liepen dus werkelijk wilde olifanten
rond! De drollen was het enige wat we van deze olifanten die dag te zien kregen.
De weg was bochtig en de natuur was super. De natuur begon niet langs de weg
maar zelfs op de weg zat je er midden in. Zo stroomde er wat water over de weg
en daar zaten honderden citroenkleurige vlinders op de weg die opvlogen toen we
er heel langzaam langs reden. We begonnen de dam te naderen toen er een rood
bord opdook langs de kant van de weg waarop heel beeldend stond dat als je door
zou rijden, er op je geschoten zou worden.
We waren wel moe, maar nog niet levensmoe, dus besloten we
eieren voor ons geld te kiezen en om te draaien. Op de motor attendeerde ik
Martin er nog op dat phytons ook in de bomen kunnen hangen. Alles gezien,
totdat.......
XXX |
We zaten in ons restaurantje naast ons hotel en we hadden kennis gemaakt met
Thass. Hij had ons zijn trieste levensverhaal verteld en toen wij terug naar ons
hotel wilden gaan vroeg hij ons om mee te gaan. Op de lokale begraafplaats had
de brandweer een grote slang gevangen en deze was nu op het terrrein van de
brandweer in een speciale put te bewonderen. Het was een enorme slang, zo'n 5
meter lang, en
met een buik alsof hij moest bevallen. Het was een python en het beest had net
een flinke eend o.i.d. doorgeslikt. Martin ging snel terug naar het hotel om de
camera te halen en we waren beiden gefascineerd door het dier en we waren niet
de enigen, het halve dorp stond over de put heen gebogen. Er werd een emmer
water over het dier gegooid, want de mensen wilden circus en dat kregen ze.
De volgende morgen meldde Thass ons dat de slang de geest gegeven
had en dat men haar in mootjes gehakt hadden en uit de buik kwam een klein
kalfje!!!. Op donderdag 23 mei 2002, omstreeks de klok van 10 uur was de
vrouwtjes phyton aan zijn einde gekomen. Waarom men het beest niet ergens in de
jungle los hadden kunnen laten is ons niet duidelijk geworden, dat zou onze
keuze geweest zijn, vraag ons niet hoe, want het was echt een eng beest! Het
versterkte alleen maar mijn idee om hier niet in een tent te gaan overnachten.
Arme Martha ze wist nog niet wat haar te wachten stond! We hadden nog plannen om
op safari te gaan!
We vertrokken richting Kota Bahru en Highway 4 is inderdaad een schitterende weg
tussen de bergen, een stuwmeer en een omgeving die je het ene moment doet
geloven dat je in Canada bent en je dan weer betovert met haar tropische magie.
De stad Kota Bahru is een grote vieze stad en een hotel vinden
is een verhaal apart. We vonden Ideal Travellers House in het Maleisisch:
"Asrama Pelancong Ideal". Nou, laat dat ideal maar weg, want de veren van het
bed schieten nog net niet tegen je tochus. We hadden al van plaats in bed
gewisseld, want Martin kwam met zijn lengte kwam over de rand van het bed en
uitgerekend aan zijn kant stak er een pin door het matras tegen zijn poezelige
maat 46. De ligging is wel rustig gesitueerd maar wij noemen het: "Het
melkhuisje". Het staat op de nominatie om gerund te worden door een typ als Ma
Flodder. Alleen het meest elementaire is er aanwezig en alles werkt nog net. Wel
moet de kamer vooraf betaald worden. Kortom geen plek om lang te blijven hangen.
Er was wel ruimte om te sleutelen aan de motoren. Martin doet echt niet al het
werk aan mijn motor. Langzaam aan begin ik steeds meer taken aan mijn eigen
motor zelf uit te voeren, en wat is er dan voor de hand liggender dan om te
beginnen met het dagelijks onderhoud. Daar valt ook het smeren van de ketting
onder. In het begin deden we dit altijd samen maar nu had ik het vaak genoeg
gezien. Misschien kennen jullie de uitdrukking:"Alles zelf wel willen doen". Dan
helpen we jullie snel even uit de droom? De motor gestart, in de eerste
versnelling gezet en vervolgens de koppeling los gelaten om de ketting te laten
draaien. Helaas was ik vergeten, dat het extra beugelslot nog in het achterwiel
zat. Dit had tot gevolg dat de achterspatlap geen lang leven beschoren was.
Alles is van plastic dus kapot blijft ook kapot. Martin zijn enige reaktie was:
"Zo, nou kan die er ook af". Martin had dit al eerder tegen me gezegd en die van
Martin was er ook al af. Nee, niet door dezelfde fout (hij heeft geen ketting)
maar de zijne was gewoon helemaal kapot gesleten. Hij had nog nooit zoveel
gebruik gemaakt van de zaag in zijn zakmes als met mijn motor. De
kettingbeschermer wilden we er wel op houden. Denkende aan de F650GS, dan komen
wij tot de slotsom: "Plastic fantastic!" en ik baalde wel als een stekker. We
reden verder over kleine weggetjes langs de kust zuidwaarts en het deed ons aan
het oosten van Thailand denken. Tropische natuur met huizen op palen van hout en
dit deel van Maleisië was veel armer dan het westen. Ook het rijgedrag van de
mensen was veel 'armer'. Hoe die lui hier ooit een rijbewijs hebben kunnen
krijgen is en volledig raadsel want autorijden is niet hun sterkste punt. De
hele dag werden we al door Jan en allemaal gesneden. Op een gegeven moment
haalde een auto mij in over de vluchtstrook. Gelukkig had ik deze wegpiraat aan
zien komen. Nu was het mijn beurt om deze vent even zijn oortjes te wassen: mijn
middelvinger ging de lucht in. Hij bleek intelligenter dan ik dacht want hij
begreep het teken en trapte prompt op de rem en niet alleen uit zijn oren kwam
rook, maar ook van zijn banden. Gelukkig reed hij nog op de vluchtstrook en dus
had ik er weinig last van. Martin zag het allemaal voor zich gebeuren en kwam
zijn Ketelbinkie te hulp. Over teamwerk gesproken! Nu had de man een probleem:
door zijn remmanouvre zat hij weer achter ons zat, maar met een hele
voorspelbare inhaalactie met het nodige snijwerk zat hij weer voor ons en reed
er vervolgens vandoor.
We brachten twee nachten door in Ranbau Abang, een klein plaatsje aan de kust
vooral bekend omdat hier schilpadden hun eieren op het strand plegen te leggen.
We waren welliswaar wel wat vroeg in het seizoen maar een plekje aan het strand
is nooit weg. Het pakte helaas anders uit en we hebben er slecht geslapen, want
wie dacht dat Indiërs lawaai konden maken die heeft het bij het rechte eind,
maar Maleiers zijn net zo erg! Wel een leuke Australiër met een Mongoolse
getroffen die reeds 6 jaar aan het fietsen waren maar het nu heel rustig aan
moesten doen aangezien ze een kleine koter gekregen hadden. We genoten van het
rijden langs de oostkust van Maleisië. In Cherating onze volgende stop gehouden
op een enorm rustig plekje. Rondom de bungalow was puur natuur en zo zagen we
vanaf de veranda een varaan voorbij lopen. Verder waren er apen. Leuke beesten
denkt iedereen nu en dat dacht ik ook en ik wilde wat foto's van de groep maken.
Het was een vrij grote groep en de leider kwam heel agressief op ons af. Martin
ging snel voor mij staan en zelfs voor hem deinsde hij niet terug. Even
duidelijk zijn: de aap deinsde niet terug, Martin wel!. We werden defensief en
trokken ons terug. Nou, mijn tanden nog net niet laten zien, maar wel
beestachtige geluiden gemaakt toen de leider me benaderde om zijn tanden eens
lekker in mijn malse vlees te zetten. Onze hospita kwam snel naar buiten en haar
zoon volgde met de katapul, Haar man schoot een gillende vuurpijl af. Dat schrok
de groep af en als een speer gingen ze er vandoor. Djee, wat waren die beesten
agressief. Je mag dan wel ingeënt tegen van alles zijn, maar je moet donders
voorzichtig blijven. Een gewaarschuwd man telt voor twee maar verder was
Cherating een echte plek om te relaxen. Er is niets te doen en het is opgebouwd
met allemaal bungalows. Geen hoogbouw en geen echt super mooi strand, maar wel
een plekje om even tot rust te komen.
We hadden genoeg gerust en reden door naar Mersing. Voor rugzaktoeristen was het
er eenvoudig om een onderkomen te vinden. Voor ons met de motoren was het wat
lastiger maar gelukkig had onze Zwitserse vriend Gion ons van een adresje
voorzien. Er was een plekje met een tuin, die niet onderdeed voor een oerwoud en
jawel... gerund door een "echte" nicht. Hij draaide nog net niet met zijn
kontje, maar het scheelde niet veel. Hij begon al met de prijs drie slagen in
het rond te draaien. Ik ben zo langzamerhand echter een expert in hotelkamer
prijzen en deze ging dus direkt naar beneden. Badkamer een kilometer verderop,
maar wel een kamer met uitzicht op zee (zonder golven overigens) en gratis een
heel leger muskieten. Toen we naar bed gingen hadden we een gratis bedmuziekje
omdat ze voor onze hut op een gitaar zaten te pingelen, niet hinderlijk
overigens. We hadden geen behoefte om hier langer te verblijven dus de volgende
dag reden we verder naar Singapore. Wat we ons niet realiseerden was dat het
zaterdag was. Normaal een rustige dag, doch niet in Johor Bahru. In deze
grensplaats naar Singapore is het elk weekend een heksenketel aan de grens. In
Singapore moet iedereen een tolkastje in zijn voertuig hebben. Men moet
bovendien ook nog 30 Singapore dollar (€ 17,50) entree en een WA-verzekering
voor zijn voertuig hebben. In het weekend werd er geen tol geheven en ook de
resterende bedragen waren lager. Geen wonder dat het een drukte was in
Johor(ror) en een echte nachtmerrie voor deze nieuwbakken motorrijdster. Martin
ging voorop en links en rechts brommers, motoren en auto's en bussen die
allemaal zo snel mogelijk de grens wilden passeren. De wegen gingen omhoog en
omlaag. Mijn hemeltje, ook nog de hellingproef. Nee hè, niet hier! Een bus had
zich tussen Martin en mij gedrukt en je bent dan klein op je motor, dus was het
wachten op een opening en kon ik achter Martin aan. Gelukkig werden de motoren
voor de grens gescheiden van het overige verkeer en konden we ons rustig uit
laten stempelen. Voor de motoren lag dat anders. Voor we het wisten waren we de
douane al voorbij gereden en moesten we stoppen om onze carnets uit te laten
stempelen. Dat bleek geen dagelijkse routine te zijn en Martin werd meegenomen
naar de andere kant. Daar, in een bureau, werden de carnets uitgestempeld al
ging dit niet snel. Maar het was er tenminste aangenaam koel en gezellig. Dus
terwijl Martin rustig zat te wachten stond ik bij de motoren bij te komen van
alle geleverde inspanningen. Het zweet droop overal langs mijn lichaam. Het was
zwaar geweest maar ik had het toch wel mooi gered. Toen Martin terug kwam konden
we verder en reden over de dam richting Singapore.
Singapore
XXX |
Ook aan de overzijde werden de motoren weer gescheiden en toen bleken we aan de
verkeerde kant te zitten en moesten we door 6 rijen auto's heen die stil
stonden. Maar dat lukte aardig. Bij de immigratie waren we een geval apart
aangezien we een heel formulier in moesten vullen. De vrouw stempelde onze
paspoorten en vertelde ons dat we wel even bij de douane moesten stoppen. Dus
reden we naar deze jongens om
ons carnet te laten stempelen maar ze zagen alleen maar water branden en
verwezen ons naar een kantoortje. Dat bleek voor het opwaarderen van je tolkaart
te zijn maar na een telefoontje moesten we even wachten. Een hele aardige
beambte kwam bij ons en legde ons uit hoe de normale procedure in elkaar zat:
Doordat we langer dan het weekend bleven hadden we een tolkastje nodig. Dat
konden we wel huren maar dat moest in Singapore zelf gebeuren (met achterlating
van je motor) maar omdat het zaterdag was was dit kantoor gesloten. Vervolgens
kon je dan aan de grens terug komen (met het kastje) om je motor op te halen.
Maar aangezien het tolsysteem alleen voor het centrum geldt wilde hij ons wel
doorlaten zonder echter papieren (carnet ed.) af te stempelen aangezien we wel
een verzekering hadden. Welliswaar allemaal illegaal maar wel het eenvoudigst
(op onze Maleisische verzekering stond dat deze ook geldig was in Singapore dus
hebben wij er verder niet naar gevraagd.) Op werkdagen werkte het tolsysteem tot
19 uur en konden daarna zonder tol te betalen de stad verlaten (eerder gaan zou
tot problemen leiden en fikse boetes) en als we dan aan de grens terugkwamen als
onze beambte dienst had dan zou alles vlekkeloos verlopen. Dus kregen we zijn
dienstrooster voor de komende dagen en zijn mobiel telefoonnummer dat we moesten
bellen als we er aan kwamen. Dus op deze manier konden we Singapore binnen
rijden.
Singapore was altijd al voor mij een stad met een magische aantrekkingskracht.
Kees, Mam en Dad hadden daar in de zestiger jaren gewoond en dus had ik er al
veel verhalen over gehoord en eindelijk kon ik dan dit alles met eigen ogen gaan
bekijken. Ik had van hen veel informatie gekregen over de voor hen bekende
plekken. Eén zo'n plek was het Goodwood Hotel.
Het was niet de goedkoopste plek om te overnachten (al is
Singapore toch al veel duurder dan Maleisië) maar dit was vooraf reeds bekend en
ingecalculeerd. Met beide motoren reden we vanaf de grens direct naar het hotel
en parkeerden ze voor de lobby en ging ik naar een kamer informeren. We kregen
direct al een flinke korting en toen men te horen kreeg dat we helemaal uit
Nederland waren komen rijden zakte de prijs nog verder en zaten we uiteindelijk
rond de halve prijs.
De motor kon in de parkeergarage geparkeerd worden. Dus de motoren afgepakt en
heerlijk onze spullen voor een keertje naar onze kamer laten brengen! De kamer
was super en we hebben genoten van het luxe op de kamer. Een heerlijke warme
douche waar je onder kunt blijven staan zonder dat na verloop van tijd de boiler
leeg is of die ophoudt zodra je het toilet doortrekt. Gewoon heerlijke dingen
waar we al maanden naar uit gekeken hadden en waar we heel intens van genoten.
Nadat we weer een beetje bijgekomen waren konden we op verkenning de stad in
trekken.
XXX |
Singapore is de mooiste en verreweg de schoonste stad die wij tot op heden
gezien hebben. Het centrum staat vol met enorme hoogbouw maar toch is het lang
niet zo benauwend als in Hong Kong en er is veel meer groen in de stad, zodat de
sfeer heel gemoedelijk is. Koloniale sferen en moderne architectuur hebben zich
harmonieus met elkaar vermengd en alles is goed onderhouden.
De informatie die we van Kees, Mam en Dad hadden gekregen was
natuurlijk gedateerd. Zij kenden een Singapore van nog vóór al de
wolkenkrabbers. We liepen te voet door de stad rond en bezochten bijvoorbeeld
hun oude huis dat er nog stond. Voor hoe lang weet ik niet aangezien ze pal
naast het huis met een hoog gebouw aan het bouwen waren. Nee, dan moet het er
vroeger veel leuker wonen zijn geweest. We wilden ook The Old Dutch School,
Kees' lagere school, bezoeken. Die stond op onze kaart maar de lokatie bleek
niet te kloppen. Het lag vlak bij het Shangri La hotel en uitgerekend in dit
hotel was een converentie gaande over nationale veiligheid en alles in de
omgeving was afgezet (voor verkeer). Veel politie in de omgeving maar ook die
wisten de school niet te vinden ondanks dat ze de kaart er bij haalden. Met een
aardige agente kwam ik aan de klets en we hadden veel raakvlakken. Martin kreeg
hetzelde toen haar collega er aan kwam rijden. Martin hoorde direct aan het
geluid dat het een Yamaha XJ900 Diversion was,
zijn oude motor. De gelegenheid maakte de dief. En ik mocht even op deze motor
zitten voor een foto en dit laat je je natuurlijk geen twee keer zeggen.
We hadden nog steeds de school niet gevonden en besloten
maar in het Shangri La hotel zelf te vragen. Daar bleek dat de voormalige school
nu deel van het hotel uit maakte en zich te midden van bevond van politie en
zwaar bewapende mannen. Jamie onze gastvrouw leidde ons rond naar en door de
oude school. Het was nu geen school meer, maar heette nu het 'Paviljoen' en er
werden nu bruiloften en partijen in gegeven. We mochten er rustig rondlopen
terwijl men druk bezig was met voorbereidingen voor een volgend feest en ze nam
ons zelfs nog mee omhoog zodat we foto's van boven af konden maken. Deze dag had
verschillende hoogte punten: ik had twee voeten met overal blaren vanwege het
vele lopen en was zo moe als een hond. Wel hadden we 57 foto's gemaakt en leuke
en gekke omstandigheden meegemaakt. Dit was een dag terug in de tijd.
XXX |
In Singapore is erg veel te zien en te doen. We wilden bijvoorbeeld naar het
Jurong Birdpark. Hier kun je ontbijten tussen de vogels. We dachten aan een
soort stadspark waar eettentjes stonden. Dus gingen we op weg. Eerst met de
metro en vervolgens met de bus. Voor dat we alles precies 'uitgevogeld' hadden
was er de nodige tijd verstreken en waren we te laat voor het ontbijt. Het bleek
een groot vogelpark te zijn, heel mooi en interessant en met veel meer exotische
vogels dan we gewend zijn in Europa. In plaats van de gedachtte twee uurtjes
hebben we hier uiteindelijk vier en een half uur rond te lopen. We genoten volop
van pelikanen die achter ons aan liepen en van flamingo's die voor hele mooie
plaatjes zorgden. Wel was nagenoeg onze hele dag voorbij en dat alleen maar voor
een ontbijtje dat we ook nog niet eens gehad hadden. Ook het centrum kwam aan de
beurt. Rond Raffles Place lag het zakelijk centrum met veel hoogbouw waar het
toch nog groen was. Heel mooi waren de oude gebouwen en terrasjes langs de
Singapore River. Aan de overzijde had je veel mooie oude gebouwen, vooral het
gebied rond het Victoria Theatre sprak ons erg aan. Je had helemaal niet het
gevoel dat je je in een grote drukke stad bevond. We zijn al ronddwalend naar
het Raffles hotel gelopen. Een schitterend oud koloniaal hotel dat vroeger aan
het water lag. Tegenwoordig ligt het een beetje ingesloten door de omliggende
bebouwing. In het hotel is een klein museum met de geschiedenis van het hotel en
van Singapore. Zo hangen er oude wegenkaarten en herinneringen aan de vele
beroemdheden die hier in de loop van de jaren verbleven waren. Er lag een oude
brieven (ook Nederlandse!) met reisverhalen. Tenslotte is het Raffles hotel ook
bekend om zijn Singapore Sling.
De dagen in Singapore vlogen werkelijk voorbij en voor we het wisten waren onze
geplande vijf dagen verstreken. We genoten van het luxe dat we tot beschikking
hadden. Allereerst van de kamer in ons hotel, van de overheerlijke koffie van
Starbucks waar onze dag steenvast mee begon en van het glaasje wijn dat we 's
avonds voor het slapen gaan dronken. Niet meer, want we hadden al zo lang geen
wijn meer gedronken dat we na één glaasje al aan onze tax zaten. Tevens waren
onze voeten flink overbelast geraakt en zaten ze vol met blaren en pleisters. We
gaven ze de broodnodige rust en trapten de motoren weer aan. Om 's avonds te
vertrekken zagen we niet zo zitten dus vertrokken we gewoon 's ochtends. Onze
beambte aan de grens werkte dan wel niet maar in het hotel had men ons een route
uitgetekend waarbij we de tolpoortjes zouden missen. Dus vertrokken we weer en
werden door het personeel uitgezwaaid. Aan de grens verliep de Immigratie
probleemloos en nu werd het spannend bij de douane. Gewoon doorrijden en doen
alsof je neuw bloed dacht Martin. Ik dacht daar even niet eens aan. Ik had
zojuist mijn paspoort terug gekregen en had dit nog in mijn mond en wilde dat zo
snel mogelijk wegbergen. Op de eerst beste plek stopte ik om mijn paspoort weg
te bergen en bij toeval was dit uitgerekend bij de douane. Martin was
doorgereden en stond, al kijkend in zijn speigel, helemaal te flippen dat ik
uitgerekend daar stopte. Maar toen ik weg wilde rijden lachte ik lief naar de
beambten en zwaaide ze gedag. Geen enkel probleem toch, dus waar zat Martin zich
zo druk over te maken? We reden weer over de dam terug naar de grenspost aan de
Maleisische zijde van de dam.